Abramovitsj laat met Chelsea opnieuw zien: succes is gewoon te koop

Abramovitsj laat met Chelsea opnieuw zien: succes is gewoon te koop

[ad_1]


Het was in de zomer van 2003, toen de Russische zakenman-miljardair Roman Abramovitsj net de hand had weten te leggen op Chelsea Football Club – een tot dan tamelijk bescheiden Engelse subtopper die in een grijs verleden één keer (1955) de landstitel had gewonnen – dat zich een ongemakkelijk gevoel uitspreidde over Londen. En snel daarna over heel Engeland – en de rest van Europa. Lokale concurrenten als Fulham, Tottenham Hotspur, West Ham United, en vooral Arsenal – met sterren als Dennis Bergkamp en Thierry Henry de voetbalgrootmacht van de stad – merkten dat het eerst. Abramovitsj wilde Henry, kroonjuweel van Arsenal, en legde het ene bod na het andere neer bij toenmalig Arsenal-eigenaar David Dein. „Roman Abramovitsj heeft een Russische tank geparkeerd in onze voortuin”, zei Dein destijds. „En hij schiet briefjes van 50 pond op ons af.”Vooral door de geldverslindende praktijken waarmee Chelsea zichzelf onder leiding van Abramovitsj een weg baande naar het internationale podium, werden The Blues uit Londen nooit erg populair buiten Engeland. Zaterdagavond won Chelsea in Porto voor de tweede keer in de clubgeschiedenis de Champions League, door een krappe zege op Manchester City (1-0). Het zal elders in Europa niet tot grote feesten hebben geleid, en niet alleen vanwege de beperkingen door de coronapandemie.Ongebreideld kapitalisme Chelsea was aan het begin van deze eeuw onmiskenbaar de aanjager van het ongebreidelde kapitalisme dat inmiddels de norm is geworden in het moderne Europese topvoetbal. Abramovitsj zette met zijn miljardeninvestering de toon voor een nieuw voetbalklimaat in Europa, door veel voetballiefhebbers vol afgrijzen weggezet onder de noemer Modern Football. En dat is niet bedoeld als compliment. Wie een bankrekening zonder limieten heeft, kan iedereen kopen. En dat is wat Chelsea deed. Met passie en ponden.De afgelopen achttien jaar investeerde Abramovitsj een slordige 2,2 miljard euro in zijn selectie. Spelers en trainers van het hoogste niveau kwamen en gingen. De Rus kocht sinds 2003 bijna vijftig spelers voor een bedrag van boven de 20 miljoen euro. Arjen Robben haalt de schifting niet eens voor die elitegroep: Chelsea haalde hem in 2004 voor 18 miljoen euro weg bij PSV. A bargain. Wisselgeld.Talloze talenten, maar ook sterren die geen sterren bleken, werden verhandeld in de geldtombola van Stamford Bridge – met de Spaanse doelman Kepa Arrizabalaga als duurste trofee (80 miljoen euro), op de voet gevolgd door het Duitse wonderkind Kai Havertz, matchwinnaar van zaterdagavond. Arrizabalaga, de duurste doelman aller tijden, bleek overigens niet goed genoeg voor een basisplaats in de finale. Ook veelzeggend is dat de Champions League-winnaar Hakim Ziyech niet nodig had in Porto; hij kwam vorig seizoen voor 40 miljoen euro over van Ajax. Maar links en rechts van hem op de bank, of op de tribune achter hem: iedereen is multimiljonair in het rijk van Abramovitsj, ook het legertje overbodigen. Het houdt het personeel tevreden.

Lees ook: Het volk sprak en binnen 48 uur was de Super League ontmanteld

Niet erg geliefdDat de club niet erg geliefd werd had ook te maken met het spel van Chelsea in de beginjaren van Abramovitsj. Onder de Portugese trainer José Mourinho, die Chelsea snel twee landstitels bezorgde, raakte de club bekend om zijn verdedigende speelstijl. Nog altijd worden grappen gemaakt over de ‘bus’ die Chelsea parkeerde rond zijn eigen strafschopgebied om de tegenstander van scoren af te houden. Voor Mourinho was dat de weg naar succes.Die negatieve spelopvatting stond in schril contrast met de resultaten die de draaiende geldpersen langs de boorden van de Theems opleverden. Het duurde nog tot 2012 voordat de Rus de heilige graal in handen had, de Champions League. Nu, achttien jaar nadat hij de club overnam door eerst een schuld van bijna honderd miljoen euro weg te poetsen, heeft Chelsea vijf landskampioenschappen binnen, vijf FA Cups, twee Europa Leagues en tweemaal de Champions League. Abramovitsj baarde als eerste buitenlandse investeerder in de Premier League opzien met zijn financiële klopjacht op Europees talent, want hij toonde aan dat het wérkte; en dus kreeg hij navolging van andere Europese clubs die nooit bekend werden door hun roemrijke verleden. Manchester City, dat zaterdagavond in Porto opnieuw de hoogste prijs misliep, was in 2007 dezelfde weg ingeslagen als Chelsea, eerst onder leiding van de Thaise miljardair en oud-premier Thaksin Shinawatra, een jaar later overgenomen door Sheikh Mansour en zijn City Football Group uit Abu Dhabi. In 2011 volgde Paris Saint-Germain, met Qatar Sports Investments uit Doha als eigenaar en financiële pijler.

De Duitser Kai Havertz staat op het punt de enige goal in de Champions League-finale te maken.
Foto Carl Recine/Reuters

Afhaken of aanhakenOudere, meer traditionele Europese topclubs, zoals Bayern München, FC Barcelona, Real Madrid, Liverpool, Manchester United en Juventus konden niet anders dan het spoor van het grootkapitaal volgen. Afhaken of aanhaken; de voetbaldroom van de eigenzinnige Abramovitsj leidde tot een financiële wapenwedloop die het Europese topvoetbal voorgoed veranderde. Meer dan ooit is het de vraag in Europa of de rest – subtoppers als Ajax, FC Porto, PSV, Club Brugge, Benfica – nog kan concurreren met de elite. De woedende, bittere reacties op het eenzijdig uitroepen van een nieuwe Super League door twaalf topclubs, eerder dit voorjaar, waren symbolisch voor de waardering van het publiek voor het moderne voetbal. Ook de fans van Chelsea, hoe blij ze ook zijn dat de zilvervloot in 2003 vanaf de Oostzee kwam binnenvaren, protesteerden hevig toen bleek dat hun club zich had aangesloten bij de Super League. Abramovitsj zag snel in dat hij het volkssentiment verkeerd had ingeschat, net als zijn andere Premier League-collega’s, trok de stekker uit het plan en bood de fans nederig zijn excuses aan. Maar Abramovitsj toont dit seizoen aan dat hij een code kraakte die zijn navolgelingen nog niet wisten te vinden: Paris Saint-Germain en Manchester City waren tot dusverre alleen verliezend finalist in de Champions League. Hij blijft een vreemde eend in de bijt, stoïcijns toekijkend vanaf de tribune, zelden sprekend in het openbaar. „Het is nooit mijn ambitie geweest om een publiek figuur te worden”, zei hij in maart in een zeldzaam interview, met Forbes. 15 coaches in 18 jaarAbramovitsj staat erom bekend weinig geduld te hebben als het aankomt op presteren. Zo deinsde hij er in januari van dit jaar niet voor terug om clubheld Frank Lampard als trainer opzij te schuiven, en de Duitser Thomas Tuchel te halen. Daarmee komt het aantal verschillende coaches bij Chelsea op vijftien, in de achttien jaar van het Abramovitsj-tijdperk. „Ik denk dat wij pragmatisch zijn in onze keuzes”, zei hij in het interview met Forbes. „Wij zorgen ervoor dat we de goede wissels toepassen op het juiste moment, zodat we er zeker van zijn dat we onze ambities op lange termijn kunnen waarmaken.”De lotgevallen van Paris Saint-Germain en Manchester City laten zien dat het iets meer is dan alleen geld, dat uiteindelijk het succes bepaalt. Maar feit is dat dit de clubs zijn die al jaren de dienst uitmaken. Wie in het jaar van een coronapandemie, zonder publiek op de tribunes en met wekelijks oplopende schulden, een kwart miljard euro kan uitgeven aan nieuwe spelers, zoals Abramovitsj afgelopen zomer deed, weet dat het succes op het veld niet ver weg is. Dat is misschien de troost voor Manchester City. En Paris Saint-Germain. Het valt een keer goed. Zolang het geld maar blijft rollen.

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *