Achterstand door lockdown leidt tot verlaging van normen voor eindtoets basisonderwijs




De normen voor de eindtoetsen voor basisschoolleerlingen van groep acht zijn iets verlaagd. De score die nodig is voor vervolgonderwijs voor bijvoorbeeld havo en vwo is een punt lager geworden. Op deze manier wordt rekening gehouden met leerachterstanden die zijn veroorzaakt door de twee lockdowns van basisscholen. Voor enkele vmbo-categorieën zijn de normen hetzelfde gebleven. Door de aangepaste normering hebben leerlingen nu een score van minimaal 539 nodig om een havo/vwo-advies te krijgen, in plaats van minimaal 540, zoals in 2019 het geval was.Vanaf deze dinsdag maken scholen bekend welk resultaat hun leerlingen hebben behaald voor de eindtoetsen. Die resultaten gelden als de second opinion naast het advies van de scholen zelf over de vervolgopleiding. De toetsresultaten worden dit jaar later bekend als gevolg van de berekeningen die nodig waren door het besluit de normering aan te passen, aldus het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Dat college is verantwoordelijk voor de kwaliteit en het niveau van de Centrale Eindtoets, een van de vijf eindtoetsen die gebruikt worden.

Cijfers Een punt minder

536 gemiddelde score van de eindtoets in 2019
535 gemiddelde score van de eindtoets in 2021
539is het minimum aantal punten dit jaar voor een havo-vwo advies dit jaar 170.000basisschoolleerlingen van groep 8 maakten dit jaar de eindtoets
1 Hoe is de aanpassing precies bepaald?Het CvTe heeft de uitslagen van alle toetsen van de vijf aanbieders – de eigen Centrale Eindtoets en die van vier commerciële aanbieders – die zijn afgenomen voor leerlingen van groep acht vergeleken met die van 2019. (De toetsen werden in 2020 niet afgenomen vanwege de lockdown.) Daaruit bleek dat het afgelopen jaar een leerachterstand is ontstaan, maar dat die niet heel groot is. Daarom was slechts een beperkte aanpassing van de normering nodig, zegt Mirjam Kapelle, woordvoerder van het CvtE. Uit de cijfers is overigens niet te halen of de ongelijkheid tussen groepen in de samenleving groter is geworden, of dat zwakke leerlingen veel slechter hebben gescoord dan goede leerlingen. De gegevens die daarvoor nodig zijn, heeft het CvTe niet. 2 Onderwijsonderzoekers gaven een alarmerend beeld van opgelopen achterstanden bij lezen en rekenen op de basisschool. Hadden die ongelijk? Het CvtE heeft alleen gekeken naar de toetsresultaten van de huidige groep acht. Onderzoekers zoals Mark Verhagen van de Oxford Universiteit, die stuitten op achterstanden bij lezen en rekenen, keken vooral naar andere groepen. Kapelle: „Maar specifiek voor groep acht valt de opgelopen vertraging dus mee. Het is iets om trots op te zijn voor scholen en leerlingen, dat ze dit resultaat kunnen laten zien na een jaar vol hobbels.”3 Wat betekent de lagere normering voor de komende verdeling van de leerlingen over de schooltypes in het voortgezet onderwijs?De verdeling is volgens het CvtE hetzelfde als in 2019, doordat de toetsresultaten van dit jaar daarmee zijn vergeleken. Volgens het CvtE is het overigens een misverstand om te denken dat de toetsen ieder jaar een vaste verdeling van leerlingen over vmbo-, havo- en vwo-scholen moeten opleveren.

4 Hoe kan het dat de verdeling van leerlingen over de schooltypes nauwelijks verandert? Toetsdeskundige Karen Heij wees er in NRC op dat de resultaten van de toetsen al decennia grosso modo een vaste verdeling over schooltypes opleveren, zoals 20 procent naar het vwo en 50 procent naar het vmbo. Hiermee wordt volgens haar een bepaalde verhouding tussen academisch gevormden en meer praktisch geschoolden in stand gehouden. Maar dat beeld klopt niet, aldus Kapelle. De score die standaard gehaald moet worden voor een bepaald schooladvies is door de jaren heen hetzelfde gebleven, benadrukt het CvtE. Hoe kinderen daar bij presteren kan dus door die jaren heen variëren. „Wat wel klopt is dat de verdeling door de jaren heen min of meer stabiel blijft. Dat komt doordat de groep die wordt getoetst, behoorlijk groot is, dit jaar ongeveer 170.000 leerlingen. Daardoor krijg je veel minder schommelingen dan bij kleinere groepen. Een cohort leerlingen gaat het ene jaar niet totaal anders presteren dan het andere jaar. In het coronajaar was dat dus wel enigszins zo. Leerlingen hebben minder kunnen leren, en konden daardoor minder laten zien.” 5 Krijgt het voortgezet onderwijs het zwaarder doordat mogelijk meer zwakke leerlingen een hoger advies krijgen?Het CvtE stelt dat het niet zo is dat leerlingen die twee jaar geleden nog een mavo-advies kregen, nu een havo-advies krijgen. Volgens het college is het juist andersom: als de norm niet was aangepast was de kans groter dat een leerling die havo in zich heeft, door de leervertraging een lager toetsadvies krijgt. ,,We houden met de aanpassing meer rekening met wat een leerling werkelijk kan”, zegt Kapelle: „Bovendien is gebleken dat de opgelopen leerachterstand wel meevalt. Die kan ontstaan zijn doordat een specifiek onderwerp door de lockdowns net niet behandeld werd op school, terwijl er in de toets wel naar werd gevraagd. Ook is er door de overheid al op deze situatie geanticipeerd door extra geld ter beschikking te stellen voor de bestrijding van leerachterstanden.”

Lees ook: Is schoolsluiting de schade aan kinderen waard?

Nieuwsbrief
NRC Vandaag

Elke ochtend een overzicht van onze beste stukken en al het belangrijke andere nieuws

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *