André Rouvoet: ‘Nieuwe crisisorganisatie is nodig’




Om toekomstige pandemieën of andere gezondheidscrises goed te kunnen bestrijden, is een nieuwe, landelijk aangestuurde crisisorganisatie nodig. Daarvoor pleit GGD GHOR Nederland, de vereniging van de 25 regionale GGD-directeuren, deze dinsdag in een brief aan informateur Mariëtte Hamer. De GGD’s vragen in de brief structurele investeringen van 600 miljoen euro per jaar van een volgend kabinet, omdat zij volgens voorzitter André Rouvoet decennialang financieel „uitgekleed” zijn. Rouvoet zegt dat de landelijke crisisstructuur, inclusief zijn GGD’s, „niet toegerust en voorbereid” waren op een pandemie. De regionaal georganiseerde GGD’s moesten vorig jaar plotseling een nationale crisis bestrijden en dat ging moeizaam. De GGD kreeg veel kritiek op de trage uitbreiding van de testcapaciteit en het al snel moeten stoppen van het volledige bron- en contactonderzoek. Volgens Rouvoet misten zij door jarenlange bezuinigingen misten „robuustheid en het opschalingsvermogen”. Desondanks klaarden de GGD’s volgens hem „een megaoperatie”. Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) had wettelijk de regie over de coronabestrijding, maar had niet de macht om de GGD’s aan te sturen. In de praktijk probeerde hij dat wel. „Bij een volgende crisis moeten we het niet laten aankomen op improvisatie of last minute-oplossingen”, vindt Rouvoet.

Lees ook: GGD slaat alarm; kan vraag naar testen niet meer aan

Als het om de GGD’s zelf gaat, waarschuwt Rouvoet de politiek voor al te veel hervormingsdrang. Vanuit het ministerie van Volksgezondheid kwam tijdens de crisis vaak de klacht dat de GGD’s te losjes zijn georganiseerd en onvoldoende als één organisatie konden worden aangestuurd. Rouvoet erkent dat er regionale verschillen zijn, maar vindt dat buiten crisistijd geen probleem. „Publieke gezondheid is dicht bij de lokale situatie zitten. De gezondheidsproblematiek in Drenthe vraagt echt iets anders van een GGD dan die in Rotterdam.”Rouvoet hoopt daarom dat de politiek er niet voor kiest de GGD’s meer rechtstreeks vanuit Den Haag te gaan aansturen. Zo’n oplossing wordt in GGD-kringen „niet heel warm ontvangen”, zegt hij. „Ik ken wel een aantal landelijk georganiseerde publieke diensten die niet vlekkeloos functioneren. Het gaat niet vanzelfsprekend beter als je het allemaal vanuit Den Haag doet.”‘Crisispoot onder dak bij RIVM’Tijdens een crisis ligt dat anders, erkent Rouvoet. De GGD’s willen dat een volgend kabinet werk maakt van „een centraal aangestuurde crisisorganisatie met duidelijk mandaat”. Rouvoet denkt dat zo’n organisatie het beste kan worden ondergebracht bij het RIVM. „Creëer daar een crisispoot, die je kunt activeren als er een gezondheidscrisis is”, zegt Rouvoet. „Dat geeft de minister van Volksgezondheid meer slagkracht, dan zijn de lijnen helderder.”Bij de financiering van de GGD’s is volgens Rouvoet meer landelijke sturing nodig. Zij krijgen hun geld van gemeenten, die in tijden van financiële problemen vaak sneden in hun budgetten. Dat is onwenselijk, zegt Rouvoet. Het leidt tot grote verschillen in waar GGD’s in investeren: de ene steekt wel veel geld in infectieziektenbestrijding, de ander niet. Rouvoet wil „een landelijk en structureel budget” voor de publieke gezondheid. „Op basis daarvan bieden de GGD’s overal hetzelfde aan: een soort basisvoorziening. Het moet niet uitmaken of je in Zwolle, Heerlen of Den Helder woont.”

CV

André Rouvoet (59, ChristenUnie) was vicepremier en minister voor Jeugd en Gezin in het kabinet-Balkenende IV. Vanaf 2012 was Rouvoet jarenlang voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland, tot vlak voor de pandemie. Een paar maanden na het begin van de coronacrisis werd hij op 1 juli vorig jaar voorzitter van de GGD GHOR.
Voor de infectieziektebestrijding moeten de GGD’s een vast bedrag krijgen, 100 miljoen euro per jaar. Vooral het tekort aan IZB-artsen, gespecialiseerd in infectieziektebestrijding, speelde de GGD parten met opschalen, zegt Rouvoet. „Je kunt wel – en dat hebben we ook gedaan – achtduizend mensen opleiden en bron- en contactonderzoek laten doen, maar die vallen onder medische supervisie en dus heb je ook specialisten nodig.”Landelijk aanpakkenDe ict-systemen van de GGD wil Rouvoet op landelijk niveau aanpakken. Middenin de pandemie moesten de GGD’s voor de coronatesten – en later ook het vaccineren – een geheel nieuw systeem neerzetten: CoronIT. Het programma voor bron- en contactonderzoek, HP Zone, was verouderd en niet gemaakt om op landelijke schaal te werken. „Iedereen had zijn eigen IT-oplossingen, wat prima werkte tot corona iets anders vroeg.” Communicatie en onderlinge samenwerking werden bemoeilijkt, zegt Rouvoet. Aan het volgende kabinet vraagt hij voor betere informatievoorziening jaarlijks honderd miljoen. „We willen niet weer afhankelijk zijn van een appathon [app-tests]. Ik wil de systemen aan de voorkant klaar hebben, ook wat betreft koppeling met het RIVM.”

Lees ook: Het systeem loopt vast nu iedereen zich laat testen op Covid-19

Door alle bezuinigingen en aandacht voor de pandemie, is volgens de GGD’s ook duidelijk geworden dat de uitvoering van hun normale taken „piept en kraakt”. Rouvoet pleit naast de investeringen in de infectieziektebestrijding bijvoorbeeld voor flink meer geld voor jeugdgezondheidszorg. „Daar investeren we in Nederland nu heel weinig in, wat tot extra druk op de jeugdzorg leidt.” De GGD’s willen 100 euro extra voor ieder kind, in totaal 300 miljoen. Preventie is er een belangrijk onderdeel van, zegt Rouvoet. „We moeten nu de keuze maken voor publieke gezondheid: gezondheidsbescherming, gezondheidsbevordering en preventie. Niet als leuke projecten, maar structureel. Dat is veel breder dan vragen om een crisisorganisatie als er weer een pandemie komt.”

Nieuwsbrief
NRC Vandaag

Elke ochtend een overzicht van onze beste stukken en al het belangrijke andere nieuws

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 25 mei 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *