China, Iran en Khomeiny die zich omdraait in zijn graf




Ik weet wel zeker dat ayatollah Khomeiny zich deze dagen omdraait in zijn graf. Gelukkig heeft hij genoeg ruimte in zijn glazen doos in zijn mausoleum ten zuiden van Teheran, waar zijn aanhangers hem dertig jaar na zijn dood nog steeds snikkend eer komen bewijzen en toeristen ook graag een kijkje nemen. Best de moeite waard, lezer, als u in de gelegenheid zou zijn.Terzake. Waar windt hij zich dan zo over op? Het gaat om het samenwerkingsakkoord dat Iran zojuist met China heeft gesloten. Even daargelaten of het een goed of slecht akkoord is, een van de fundamenten van Khomeiny’s islamitische systeem is strikte niet-gebondenheid. Ik googelde zijn toespraak op ter gelegenheid van het Iraanse nieuwjaar in 1980, waarin hij erop hamert dat het internationale communisme even gevaarlijk is als het westerse systeem. „Mijn lieve vrienden”, zei hij, „het gevaar is zo groot dat we zullen worden vernietigd als we ook maar éven niet opletten”. U begrijpt, communisme=goddeloos. Van Khomeiny moest alles en iedereen juist wijken voor zijn islamitische revolutie.Hij had natuurlijk de Sovjet-Unie op het oog; ik geloof niet dat veel mensen toen zagen aankomen dat China vandaag op weg zou zijn de wereld te overvleugelen – voor u me vertwittert: ik zeg op weg, ik zeg niet dát het gebeurt. Nationalistische tegenstanders van het huidige Iraanse regime die het akkoord verketteren, halen natuurlijk niet Khomeiny erbij maar het vernederende verdrag van Turkmenchay. Alwéér: ik schreef in december over dit verdrag, dat de Perzisch-Russische oorlog van 1826-1828 afsloot en waarin de Perzische Qajaren-dynastie een aanzienlijk deel van de zuidelijke Kaukasus moest afstaan. Toen was iedereen in rep en roer om een gedicht waarin de Turkse president Erdogan een claim leek te leggen op een volgende portie Iran. Dat is met een sisser afgelopen. Erdogan, die economisch in de klem zit, spreekt vandaag alleen nog in termen van toenadering tot de buitenwereld.In het Iraanse blad Iranian Diplomacy zette analist Jalal Mirzaei de tegenstanders van het akkoord met China, die Iran in de uitverkoop zien gezet, tegenover voorstanders, die op hun beurt spreken van een „grote politieke en diplomatieke overwinning op de Amerikaanse hegemonie”. Amerika probeert immers met sancties Iran te vermorzelen. Geen van beiden hebben gelijk, betoogde hij. China heeft de afgelopen jaren in de buurt al diverse dergelijke akkoorden gesloten, onder andere met Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, en Iran kan het zich niet veroorloven om niet nauwer met China samen te werken. Voor de Chinese minister Wang Yi op 27 maart voor de plechtige ondertekening Teheran aandeed, ging hij ook gezellig in Saoedi-Arabië en Turkije langs, en daarna in de Emiraten, Bahrein en Oman. Minderende Amerikaanse belangstelling geeft China de ruimte.Niemand weet wat er precies in het akkoord met Iran staat. Teheran suggereert dat China het onder de pet wil houden. Dat precies geeft de tegenstanders vrij spel die roepen dat China Iran voor 400 miljard dollar aan investeringen plus een aantal Chinese legerbases overneemt. Dan zou Khomeiny nóóit meer tot rust komen in zijn kist. Maar juist wegens de grote Chinese belangen in anti-Iraanse Golfstaten – denk met name aan Saoedi-Arabië – is het erg onwaarschijnlijk dat het akkoord zo ver gaat. Die gaat China niet op het spel zetten – als de conservatieve Iraanse opperste leider zijn illustere voorganger al zo zou willen krenken. Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *