De staat is zo overvraagd dat de rechter te hulp moet schieten

De staat is zo overvraagd dat de rechter te hulp moet schieten

[ad_1]


Fundamentele aanvallen op de rechtspraak zijn zeldzaam. Maar nu vond ik er toch een, in ‘Rechtstreeks’, de Cahier-reeks van de rechtspraak zélf. Door de Tilburgse hoogleraar bestuurskunde Stavros Zouridis, oud-directeur Algemene Justitiële Strategie op het ministerie van Justitie (en Veiligheid). Zouridis neemt een „institutionele crisis in de rechtsstaat” waar, die verergerd wordt door rechters. Hij meent dat rechters het begrip ‘rechtsstaat’ te eenzijdig interpreteren. Te veel gericht op het begrenzen van de staatsmacht, op toegang tot het recht, op rechtsbescherming en op vrijheidsrechten. En ze slaan te weinig acht op het idee van de rechtvaardige staat, dat breder is dan alleen maar de juridisch rechtmatige staat. Volgens Zouridis ligt bij rechters een aantal vooringenomenheden op de loer. Bestuursblindheid, proceduralisme en legalisme. Ongetwijfeld haken er nu meteen veel juristen af, immers opgeleid in procedures, wetten en regels. Het letterknecht-verwijt, blind voor het grotere plaatje, is ook een cliché. Tegelijk is z’n beschrijving van de crisis in de rechtsstaat tamelijk herkenbaar. Om te beginnen kaart hij de ‘explosie van regels’ van de afgelopen decennia aan, waardoor vooral overheidsorganisaties in de knel komen. Meer procedures en meer normen, vaak ‘gestapeld’ en voortdurend aan wijziging onderhevig. Ze gaan „het absorptievermogen van de meeste uitvoeringsorganisaties ver te boven”. Het leidt tot een uitvoeringstekort. Bovendien „heeft het er alle schijn van” dat niet-naleving van al die regels behalve toeneemt, ook loont, doordat er structureel te weinig handhaving is. Media signaleren met ijzeren regelmaat dan waar het misloopt, waarna het kabinet wordt gedwongen tot nieuwe maatregelen. „Waardoor het uitvoeringstekort weer toeneemt”. Een vicieuze cirkel, mede veroorzaakt door „regels, procedurele waarborgen, rechtsbescherming en een extensieve interpretatie van grondrechten”. Daar doemen de rechters op, als aanjagers. Zouridis stelt dat het handhavings- en uitvoeringstekort deels is terug te voeren op rechterlijke uitspraken. Hun „rechtsstatelijke houding” zorgt namelijk voor „juridische bescherming van ‘niet-nalevers’”. Hebben rechters eigenlijk wel oog voor dat nalevings- en handhavingstekort? Dat vreet immers dezelfde rechtsstaat aan die zij verdedigen. Zo blijven er schuldigen onbestraft en erodeert de norm. Wakkeren rechters deze crisis niet juist aan? Hier wordt het tricky. Want wat zou Zouridis dan van rechters verlangen, als hij hun rol als hoeder van grondrechten en waarborgen niet waardeert. Hij stelt een minder legalistische rechter voor, één die „soms wat ongehoorzamer aan de wetgever” durft te zijn. Iemand die de „dominante waardepatronen” in de samenleving (wel) goed aanvoelt. En kennelijk bereid moet zijn daarvoor de regels wat losser te nemen. Anders „is wellicht juryrechtspraak een structuurverandering die hetzelfde effect kan sorteren”. Daar is de aap uit de mouw. Er zou in het rechtsstaatbegrip méér ruimte moeten komen voor bestuurlijke belangen. En nee, dat is geen pleidooi voor een bestuursvriendelijker rechter. De praktijk van de handhavers en uitvoerders moet beter worden meegewogen, „niet alleen de ideële werkelijkheid van de rechtsbeginselen”. Onschuldigen moeten uiteraard niet worden bestraft en de rechten van zwakke partijen dienen beschermd te blijven. „Maar houdt dat ook in dat vermogende criminelen moeten worden gefaciliteerd om eindeloos zand in de justitiemachine te kunnen blijven strooien?” Moeten bestuursorganen écht gedwongen worden zoveel geld en personeel aan ‘motiveringsplichten en andere procedurele beginselen’ uit te geven, waarna malafide bedrijven hun gang gaan met fraude en vervuiling? Kortom, rechters zouden zich minder door wantrouwen moeten laten leiden ten opzichte van de uitvoerders. Zouridis hoopt op rechters met lef, eigenzinnigheid en een ‘bredere visie’ op de rechtsstaat. Mij lijkt het de deur open zetten naar willekeur. Rechters aanbevelen de wet aan te vullen met „dominante waardepatronen”? Blijft toch de vraag wiens waarden. Meer empathie voor het bestuur, minder hoge eisen aan overheden? Niet doen, ik zou van de rechter geen solidaire bestuurder willen maken.

Nieuwsbrief
NRC Recht & Onrecht

Een gids door de rechtsstaat – de beste stukken over veiligheid, misdaad en mensenrechten

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC Handelsblad
van 15 mei 2021

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 15 mei 2021

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *