De strijd van La Liga tegen het kapitaal van de Premier League




Voor het eerst zal Spanje op een eindtoernooi aantreden zonder ook maar één speler van Real Madrid. Bondscoach Luis Enrique selecteerde bovendien slechts drie spelers van FC Barcelona en twee van de kampioen Atlético Madrid. Manchester City is met vier internationals ‘hofleverancier’ van La Roja op het EK voetbal, dat op 11 juni begint. In het Europese clubvoetbal wordt de Champions League zaterdag beslist in een all English final tussen Manchester City en Chelsea. Is de Premier League La Liga dan nu voorbij? En is de Europa League-finale tussen Manchester United en Villarreal deze woensdag ook een sportieve prestigestrijd tussen Engeland en Spanje? Dat het antwoord op deze vraag niet zomaar eenduidig te geven is, maar dat er eerder sprake is van een constante kruisbestuiving, blijkt na een gesprek met ingewijden van La Liga, de organisatie achter de Spaanse competitie, en een telefonisch interview met internationaal voetbalkenner Jorge Valdano. De voormalig profvoetballer, oud-trainer en huidig commentator vat het vanuit Madrid graag zo samen: „Iedere competitie heeft zijn eigen kenmerken. Nederland kan worden gezien als een school voor talent. De Italianen zijn meesters van de tactiek. Spanje is technisch verreweg het best onderlegd. En de Engelsen hebben de absolute macht als het gaat om geld. Dat laatste is een steeds doorslaggevender element in het internationale voetbal.” De Argentijn, die als speler furore maakte bij Real Madrid en in 1986 met Diego Maradona de wereldtitel in Mexico won, is niet verbaasd over de Engelse dominantie in het clubvoetbal. Sterker nog: Valdano had dat eerder verwacht. Het verschil aan inkomsten die Engelse en Spaanse clubs krijgen uit de verkoop van tv-rechten is al jaren vele malen groter dan de onderlinge sportieve verhoudingen. De Premier League sloot deze maand een nieuw driejarig contract voor de Britse markt af voor 5,6 miljard euro, terwijl de Spaanse clubs onderling 1,15 miljard uit nationale gelden jaarlijks te verdelen hebben. „Als je puur daarnaar kijkt, dan hadden de Engelse clubs al veel eerder dominant moeten zijn”, zegt Valdano.Gouden decenniumTwee jaar geleden kwam een einde aan een gouden decennium in het Spaanse voetbal waarbij de landenploeg wereldkampioen werd (2010) en twee keer het EK won (2008 en 2012). De clubteams Real Madrid en Barcelona domineerden ondertussen in de Champions League, die ze van 2014 tot 2018 vijf keer op rij wonnen tot Liverpool (2019) en Bayern München (2020 ) de hegemonie verbraken. De klinkende Duitse machtsgreep – waarbij Barcelona in de kwartfinale met 8-2 werd vernederd – bleek van maar korte duur. Zaterdag zal Manchester City of Chelsea voor de veertiende keer de ‘Europa Cup’ naar Engeland brengen. Een niveau lager voltrok zich bijna een soortgelijke strijd. Het Spaanse Sevilla en Atlético Madrid eisten tussen 2013 en 2020 steeds de Europa League op. Manchester United in 2017 en Chelsea (2019) waren de enigen die daar de Spaanse heerschappij wisten te doorbreken. Het is nu aan Manchester United (met in het doel Spaans international David de Gea) om Villarreal een halt toe te roepen. Valdano, die bij de Spaanse zender Movistar de wedstrijden van La Liga van commentaar voorziet, ziet bij het duel tussen de Engelse grootmacht Manchester United en de Spaanse ‘dorpsclub’ Villarreal geen uitgesproken favoriet. „Op het hoogste niveau zijn ploegen steeds meer aan elkaar gewaagd. Zeker in Spanje. De afgelopen weken dacht iedereen dat Atlético Madrid met tegenstanders als Osasuna en Valladolid met gemak de titel zou pakken. Nou dat liep wel even anders”, zegt Valdano. „Het bleef tot de allerlaatste minuut spannend. Maar Atlético bleef Real Madrid en FC Barcelona toch voor.”GolfbewegingenDe strijd in de top van internationale voetbal gaat volgens Valdano gepaard met golfbewegingen. Zo heersten de Engelsen als ‘de uitvinders van het voetbal’ in de voorbije eeuw decennialang, maar wist Real Madrid van 1956 tot 1960 vijf keer achter elkaar de Europa Cup I te winnen. De ‘Koninklijke’ groeide uit tot de succesvolste voetbalclub ter wereld, met dertien van de belangrijkste Europese bekers in het museum. Al gaat het seizoen 2020/2021 met nul prijzen als mislukt de boeken in. „Er spelen meer dan honderd profs uit de jeugdopleiding van Real Madrid door heel Europa, maar de club slaagt er al tijden niet meer in om aanvallers op te leiden die goed genoeg zijn voor het eigen eerste elftal”, stelt Valdano. „De beslissende spelers in de as van het veld zijn met Thibaut Courtois, Luca Modric, Toni Kroos en Karim Benzema. Buitenlanders die wel naar het EK gaan.”Het Spaanse voetbal heeft volgens Valdano van oudsher veel te danken aan invloeden van buitenaf. Zo dreef het grote Real Madrid uit de jaren vijftig van de vorige eeuw op de inbreng van zijn landgenoot Alfredo di Stéfano en de Hongaar Ferenc Puskas en was het Johan Cruijff die volgens Valdano twintig jaar later bij FC Barcelona een revolutie ontketende waar heel het Spaanse voetbal zich aan optrok. „Ja, jullie Cruijff heeft als speler en trainer met zijn eigenzinnige, aanvallende stijl aan de basis gestaan van het succes hier”, stelt Valdano resoluut. „En indirect profiteren de Engelsen daar gek genoeg nu van.”Volgens Valdano hebben de Engelse clubs zich aan het begin van deze eeuw veel te lang gefocust op het binnenhalen van sterspelers, maar vergaten ze met verzorgd voetbal het verschil te maken. Onder invloed van een tiental Spaanse trainers, zoals Rafa Benítez, Juande Ramos, Unai Emery, Mikel Arteta en Pep Guardiola, veranderde het aloude kick and rush in een moderne versie van het tiki-taka dat FC Barcelona en Spanje de afgelopen vijftien jaar zoveel succes bracht. Guardiola hoopt zaterdag met City – waar de Spaanse internationals Eric Garcia, Aymeric Laporte, Rodri en Ferran Torres onder contract staan – de eerste Champions League uit de clubhistorie te winnen. Mohamed Alí Amar – alias Nayim – was in 1988 bij Tottenham als huurling van FC Barcelona een van de pioniers in de Premier League, waar sindsdien meer dan 130 Spanjaarden onder contract stonden. Vandaag de dag weten Spanjaarden zo goed te aarden in de Premier League dat bondscoach Luis Enrique tien van de daar nu 28 actieve spelers voor het EK selecteerde – onder wie doelman Robert Sánchez van Brighton en Adama Traoré van de Wolves. Valdano: „Vroeger zag je bijna nooit een Spanjaard in een andere competitie. Ze kiezen nu vaak bewust voor een avontuur elders. En niet zelden meer met succes.” De sportieve machtsovername van het Engelse clubvoetbal kan zeker niet los worden gezien van het recente succes van de Spanjaarden, concludeert Valdano aan de vooravond van twee Europese finales in het clubvoetbal en het EK voor landenteams.
Finale Europa League
De finale van de Europa League gaat deze woensdag tussen Villarreal en Manchester United. Het duel (aanvang 21.00 uur) wordt gespeeld in de Poolse stad Gdansk. In het Energa-stadion zijn 9.500 toeschouwers welkom, een kwart van de capaciteit. Villarreal, dit seizoen de nummer zeven van Spanje, staat voor het eerst in een Europese finale. De ploeg van trainer Unai Emery, die met Sevilla al drie keer de Europa League won (2014, ’15 en ’16) voorkwam een Engelse eindstrijd door in de halve finale Arsenal uit te schakelen. Manchester United eindigde in de Premier League als tweede achter stadgenoot City. De club won in 2017 voor het eerst de Europa League door een 2-0 zege op Ajax. Voor trainer Ole Gunnar Solskjaer is het zijn eerste Europese finale.

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 26 mei 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *