Een zwijgcultuur en ‘witte bril’: problemen bij Belgische politie zijn talrijk




Doden in detentie of na een politie-interventie. Toenemend geweld naar etnische minderheden, migranten en asielzoekers. Hate speech, aanhoudend etnisch profileren, en een weinig coherente of systematische aanpak van het probleem. De zorgen die een commissie van de Verenigde Naties deze week opsomt in een rapport over racistisch geweld door de Belgische politie zijn niet mis. België moet „snel, grondig en onpartijdig onderzoek doen naar alle beschuldigingen van racistische incidenten” waarbij de politie betrokken was. Het land moet overtreders adequaat vervolgen en zorgen voor meer etnische diversiteit in het politiekorps, adviseert de Commissie voor het Uitbannen van Raciale Discriminatie (CERD), dezelfde commissie die Nederland eerder opriep het uiterlijk van Zwarte Piet aan te passen.Het rapport komt niet uit de lucht vallen. De maatschappelijke en media-aandacht voor politiegeweld in België nam afgelopen jaar toe, zeker sinds de Black Lives Matter-beweging een vlucht nam. Het aantal incidenten zou bovendien zijn toegenomen sinds de opeenvolgende lockdowns en bijbehorende maatregelen, signaleert de VN-commissie. Sofie De Kimpe, criminoloog aan de Vrije Universiteit Brussel, herkent dat beeld: „Er zijn meer interventies op straat, er is meer contact tussen burgers en politie, en dus is er aanleiding voor meer conflict. Iedereen loopt ook op de toppen van zijn tenen. Jongeren hebben het moeilijk, burgers bellen vaker met klachten over de buren, en agenten zelf worden vaker in het gezicht gespuwd. Zo wordt de kans groter dat ze verkeerd handelen.” De aandacht voor politiegeweld in België nam afgelopen jaar toeMaar er is meer aan de hand. De lijst van ernstige incidenten uit de laatste jaren is – ook pre-corona al – lang. In mei 2018 werd de Koerdische peuter Mawda Shawri doodgeschoten tijdens een achtervolging op de snelweg. In augustus 2019 overleed de 17-jarige Mehdi Bouda en in april vorig jaar de 19-jarige Adil C. na aanrijding door een politieauto, beiden terwijl ze achtervolgd werden voor een controle. In augustus vorig jaar lekte een filmpje uit waarop te zien was hoe een agent ruim een kwartier op de borstkas van de 39-jarige Slovaak Jozef Chovanec zat, die daarna in een coma raakte en overleed. In september bleek dat in een gesloten Facebookgroep met 6.700 actieve en ex-agenten racistische commentaren werden geplaatst, waarbij geweld tegen mensen met een migratieachtergrond aangemoedigd werd. In januari dit jaar stierf de 23-jarige Ibrahima B. in een politiecel. Bij een van de daaropvolgende demonstraties, op 24 januari in Brussel, werden 230 mensen opgepakt. Na afloop zeiden meerdere jongeren, een deel minderjarig, in de cel geslagen te zijn.

Lees ook: Eén jaar cel voorwaardelijk voor Belgische agent die vluchtelinge Mawda (2) doodschoot

Dominant witVaak hadden de slachtoffers een migratieachtergrond. Maar of er sprake is van structureel racisme bij de Belgische politie, is volgens politieonderzoeker De Kimpe moeilijk te bepalen: „Wel is zeker dat de korpsen dominant wit zijn. Onvermijdelijk zullen velen van hen dus met een witte bril naar maatschappelijke problemen kijken. Dat wordt binnen de politie onvoldoende erkend.” Ook los van de discussie over racisme, duiken regelmatig verhalen van excessief politiegeweld op. Bij de eerste editie van anticoronafeest La Boum begin april werd een witte vrouw van achteren omvergelopen door een politiepaard. Deze week kwamen video’s van het politieoptreden rond La Boum 2, zaterdag georganiseerd, naar buiten. Daarop is onder andere te zien hoe een man, na te zijn aangepakt door een politiehond, nog een trap op de borst krijgt van een agent. Een vrouw die een agent aanspreekt krijgt pepperspray in haar gezicht. Hoe ingebakken het gebruik van excessief politiegeweld is, kan De Kimpe opnieuw niet exact zeggen. Er zijn geen duidelijke cijfers over excessief geweld, racisme en discriminatie: „Politiegeweld is al heel moeilijk in kaart te brengen omdat mensen het niet altijd melden. Daar komt in België bij dat de 186 politiekorpsen elk hun eigen dienst intern toezicht hebben, en dan heb je apart ook nog de federale politie. Alle meldingen zijn daardoor verspreid en er is geen duidelijk recent overzicht. Maar hoe groot het probleem is, maakt in principe ook niet zo veel uit. Elk geval is er een te veel.” De situatie is niet eenduidig, benadrukt De Kimpe. Ook de politie maakt steeds meer melding van geweld tegen de politie. „Sinds de coronacrisis hebben we minstens één gewonde per dag”, vertelden agenten onlangs in krant De Morgen. De onderzoeker ziet de breuk tussen politie en sommige groepen steeds groter worden: „Aan de ene kant staan de mensen die de politie verdedigen en de anderen direct als crimineel afspiegelen, terwijl de tegenstanders de politie juist afschilderen als een racistische beweging die enkel uit is op geweld. Beide zijn verkeerd.”Veel politiemensen gaan er nog vanuit dat ze een „onvoorwaardelijk gezag” hebben: „Terwijl bepaalde groepen veel minder vertrouwen hebben in de politie dan zij denken, wat nog verder wordt aangetast door de bekende gevallen van en aandacht voor politiegeweld.” Een „bemiddelingsgerichte aanpak” werkt in deze gevallen beter dan gezag afdwingen, weet De Kimpe. Maar in de Belgische politieopleiding is daar onvoldoende ruimte voor: „In andere landen duurt die meestal drie tot zelfs vier jaar. In België anderhalf, waarvan zes maanden stage bij een korps. Daardoor vindt het grootste deel van het leereffect pas plaats als agenten de job al uitoefenen.” Ook dan is er „eigenlijk nauwelijks sprake van feedback, coaching of bijkomende opleiding”. In én na de opleiding ontbreekt aandacht voor problemen van minderheden: armoede, racisme, discriminatie en geweldsincidenten.

Lees ook wat we eerder schreven over de zaak-Chovanec: ‘De Belgische politie mist normbesef’

ZwijgcultuurMet incidenten van racistisch politiegeweld wordt te weinig gedaan, schrijft de VN-commissie. Ze noemt het onder andere opvallend dat tussen 2014 en 2017 geen enkele agent voor racisme veroordeeld werd. Een vorige maand gepubliceerd rapport van de Algemene Inspectie, die toeziet op de politiediensten, bevestigt dat beeld. In het rapport met de opvallende titel ‘Zijn alle flikken onbekwaam?’ klaagt de inspectie het gebrek aan transparantie over buitensporig politiegeweld aan. De screening van politiemensen schiet tekort, net als de bestraffing van politiemensen die inbreuken plegen, en een centraal meldpunt ontbreekt. Het aankaarten van problemen binnen het korps ligt moeilijk, bevestigt De Kimpe. Na de demonstratie begin januari maakte de vakbond zelf melding van buitensporig geweld door collega’s. Dat is uitzonderlijk, vertelt de politieonderzoeker, die spreekt van een zwijgcultuur: „Over het algemeen nemen de vakbonden altijd onmiddellijk stelling in, waarbij ze de politie steunen. De team spirit is heel belangrijk, het is daardoor moeilijk om tegen collega’s in te gaan. Door met zaken naar buiten te komen, riskeren agenten heel veel.”
De team spirit is belangrijk, het is daardoor moeilijk om tegen collega’s in te gaan
Sofie De Kimpe criminoloog
Exemplarisch is de manier waarop de zaak-Chovanec werd afgehandeld. Pas anderhalf jaar na de feiten, toen de video in de media gelekt werd, werd een agente die daarop een Hitlergroet bracht ‘op binnendienst’ geplaatst. Het politierapport vermeldde het hardhandig optreden niet.Als er al gesproken wordt over veranderingen bij de politie, wordt steevast gekeken naar een „structuurverandering” door het aantal korpsen te verminderen of het centraal gezag te vergroten. Een cultuurverandering is veel belangrijker, benadrukt De Kimpe. Dat de vakbond in januari voor het eerst de hand in eigen boezem stak, zou een eerste voorzichtig signaal kunnen zijn dat er iets verschuift: „Ze doorbreken de zwijgcultuur, en erkennen daarmee dat het wel eens fout kan lopen.”

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *