Het Nederlandse fregat en het Britse vliegdekschip varen straks als ‘wijkagenten’ door de Indo-Pacific




Het is haar maidentrip. Deze zondag vertrekt het Britse vliegdekschip HMS Queen Elizabeth vanuit Portsmouth voor een tocht van 26.000 zeemijl. Naar Japan en terug. In zeven maanden. Het is ook in zekere zin een maidentrip voor het Verenigd Koninkrijk, dat sinds Brexit op zoek is naar een nieuwe een internationale rol. Met Operatie Fortis kan Londen laten zien dat het er nog steeds toe doet en de missie past perfect in de hernieuwde politiek aandacht van westerse landen voor de Indo-Pacific, waar China zijn vleugels uitslaat. Een vliegdekschip is nooit alleen. Zes Britse schepen, een Britse onderzeeër, een Amerikaanse torpedojager én het Nederlandse fregat Zr.Ms. Evertsen zullen het drijvende vliegveld begeleiden – de Carrier Strike Group 21. Vliegdekschepen stralen macht uit, maar zijn ook kwetsbaar. De Evertsen, die deze zaterdag al vertrok vanuit Den Helder, en drie andere escorteschepen zorgen permanent voor bewaking van luchtruim en zee, zowel boven als onder het wateroppervlak. De Queen Elizabeth (QE) is wat ze bij de marine een high-value unit noemen.

Lees ook: Er is weer hoop voor de Indo-Pacific: het Westen komt

Het is ook een kostbaar bezit. Het VK moest er 3,2 miljard pond, 3,7 miljard euro, voor neerleggen. Het schip vaart met 1.600 man en heeft op deze reis Britse en Amerikaanse F-35B gevechtsvliegtuigen aan boord. De QE is weliswaar 280 meter lang, maar vliegtuigen stijgen op via een ski-schans en moeten verticaal op het dek landen. Na 21 jaar weer naar ‘de Oost’Nederland heeft al jaren geleden aangeboden om deel te nemen aan Operatie Fortis. De zeestrijdkrachten van beide landen werken nauw samen – en iedereen kan er om lachen dat de Zeeuwse familie Evertsen zeehelden heeft voortgebracht die in de legendarische zeeslagen van de zeventiende eeuw tegen de Engelsen vochten. De bemanning van de Evertsen werd vorig jaar op een testcentrum van de Britse marine nog door de mangel gehaald in een oorlogssimulatie, compleet met kreunende Britse acteurs aan boord. Ook voor de Nederlandse marine is het een bijzondere missie, zegt kapitein-luitenant-ter-zee George Pastoor, tijdelijk commandant op de Evertsen, daags voor vertrek per Teams. „We gaan lang weg en heel ver weg. Het is eenentwintig jaar geleden dat we naar ‘de Oost’ zijn gegaan, naar Japan.” Nederland wil met deelname laten zien dat het voor het VK en de VS een betrouwbare partner is en daarnaast de banden aanhalen met de veertig landen die onderweg aangedaan worden – de missie is ook maritieme diplomatie.

Familieleden zwaaien en toeteren zaterdag in Den Helder naar de bemanning van de uitvarende Zr. Ms. Evertsen.
Foto Olaf Kraak/ANP

Zo’n moderne vloot, vertelt Pastoor, werkt als een magneet: andere marines willen graag een paar dagen mee-oefenen. Want dat is de reis vooral: oefenen; procedures doornemen, aanval en verdediging simuleren. Pastoor kijkt onder andere uit naar het leidinggeven aan een luchtgevecht met de nieuwe F35B-gevechtsvleigtuigen.Pastoor: „Het is voor ons ook een unieke kans om aan te sluiten bij een heel modern verband en dat biedt de mogelijkheid te oefenen in het hoogste geweldspectrum. Mijn doel is volledige integratie in de groep, zodat ze volledig van ons op aankunnen. We kennen de procedures, we weten hoe informatie heen en weer gaat en we moeten laten zien dat we als team in staat zijn ons te verdedigen.”Geen geolied verbandMarineschepen oefenen voortdurend, maar met goede schepen heb je nog geen geolied verband. „We zijn allemaal topvoetballers uit verschillende clubs, maar als je die in een nationaal elftal zet is het niet vanzelfsprekend dat het een goed team wordt. Je moet echt oefenen in de praktijk.” Een van de eerste grote oefeningen is met het vlootverband van het Franse vliegdekschip Charles de Gaulle in de Middellandse Zee. Van daaruit kunnen de vliegtuigen ook ingezet worden op missies boven Irak, gericht tegen IS. De Britse luchtmacht vliegt die missies normaal vanaf een basis op Cyprus.De schepen varen door de Middellandse Zee, het Suezkanaal, naar India en dan naar Singapore. Een aantal schepen, waaronder de Evertsen, brengt tussentijds nog een bezoek aan de Zwarte Zee. Vanaf Singapore gaat het dwars door de Zuid-Chinese Zee naar Japan. Nederland wil met deelname laten zien dat het voor het VK en de VS een betrouwbare partner is en de banden aanhalen met de veertig landen die onderweg aangedaan wordenDe Zwarte Zee is precair omdat de spanningen tussen de marines van Oekraïne en Rusland er nog wel eens willen oplopen. De Zuid-Chinese Zee is brisant omdat China er het liefst de dienst uitmaakt en steeds agressiever wordt. Zijn die politiek gevoelige onderdelen van de reis voor de bemanning van de Evertsen extra spannend?„We zullen er in principe doorheen varen als altijd, paraat voor alles. Dat is niet anders dan in de Middellandse Zee. Maar we zullen in die gebieden natuurlijk een goede waakzaamheid hebben. Er gebeurt daar veel. China is zijn vloot ontzettend aan het uitbreiden. De PLA Navy [de Chinese marine] wordt steeds groter en voor ons is het daarom interessant om daar te zijn. We kunnen dan situational awareness opbouwen. En als je met zo’n vlootverband vaart, draag je als een soort wijkagent bij aan de veiligheid op zee. Beveiliging van de transportlijn vanaf het verre oosten via het Suezkanaal naar Rotterdam is voor Nederland erg belangrijk.”De vloot zal overigens niet door de Straat van Taiwan varen om de relatie met China niet nodeloos op het spits te drijven. Pastoor hoopt dat Nederland nog vaker die kant op zal varen, om de Chinese marine in de gaten te houden maar ook de bemanning te motiveren en het imago van de marine als aantrekkelijke werkgever op te poetsen.

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *