Het talentvan Máxima – NRC




Het staat nu vast. Als het Nederlandse koningshuis ooit nog eens in zwaar weer belandt, is er maar één goede reddingsboei: een tv-interview met koningin Máxima – en vooral met haar alleen. Daarna zijn alle zonden snel vergeven en vergeten. Het was later terug te zien op Twitter, maar ik dacht al tijdens het gesprek met Matthijs van Nieuwkerk dat ik Nederland hóórde wegsmelten onder de hartverwarmende charme van deze koningin. De stemming sloeg radicaal om. Wie nu nog durfde te beginnen over ‘Griekenland’, was een rancuneuze kankerpit. Dat dure speedbootje? Hou erover op, gun die jongen – want het blijft ergens een jongen, zoals zoveel mannen – ook eens wat. Zelf heb ik altijd nogal onverschillig ten opzichte van het koningshuis gestaan. Het Republikeins Genootschap zag ooit in mij een medestander maar ik had geen behoefte om toe te treden. Het Koninklijk Huis leek (en lijkt) me een min of meer noodzakelijk instituut, vooral bij gebrek aan een goed alternatief.Interessante leden van het koningshuis waren voor mij alleen prins Bernhard en prins Claus – om uiteraard zeer uiteenlopende redenen. Bernhard als de prins van het duister, Claus als de prins op het witte paard, ook al werd hij aanvankelijk niet zo gezien. Er is weinig reden om de leden van het koningshuis te benijden. Nog voor geen tien dure speedboten zou ik het leven van Willem-Alexander willen leiden. Het is leven in een glazen paleis, omringd door allerlei wispelturig volk – vleiers, maar ook vijanden die loeren op de minste misstap. Eigenzinnige opvattingen mag je er niet op nahouden, althans, niet openlijk, en elke stap in de openbaarheid moet goed overwogen en overlegd worden. Het dagelijkse werkschema, uitpuilend van soms tergend vervelende verplichtingen, is moordend.Het grote talent van Máxima is dat ze redelijk ontspannen met die beperkingen en andere nadelen lijkt om te gaan. Ze verstart niet, ze blijft een zekere onbevangenheid uitstralen. Ze schroomt ook niet om haar gevoelens te tonen, of het nu om blijdschap of droefheid gaat. Dat verklaart de grote sympathie die ze in brede lagen van de bevolking geniet. De onvermijdelijke kritiek weet ze op een verstandige manier te relativeren: „Dat mensen iets zeggen van onze positie, dat zal altijd zo zijn.”Een poos leek de beheersing van het Nederlands voor haar een hinderpaal te worden. Inmiddels is haar taalgebruik beter geworden. Trouwens, bij netelige onderwerpen kan het ook een uitkomst zijn als je vocabulaire gaten vertoont; een onvoltooide zin valt dan minder op. Willem-Alexander heeft het er zichtbaar moeilijker mee. In zijn openbare optreden is hij nog steeds niet vrij van enige krampachtigheid; de vrees voor versprekingen veroorzaakt juist versprekingen en de tocht naar podium of monument wordt een mars met opgetrokken schouders. Misschien is daarom soms bij hem de behoefte groot om even te breken met alle voorschriften en verwachtingen. Wég van al die lastige mensen. „Naar Griekenland? Waarom niet? Iedereen mag er heen, waarom wij dan niet? Een dure speedboot? Grote verantwoordelijkheden, grote inkomens. Kijk naar het zakenleven.”„Een beetje dom?” Hij lijkt me eerder „een beetje stout”. Als hij nog beter naar zijn vrouw leert luisteren, komt het allemaal wel goed.

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 19 mei 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *