Het verlies van Arib – NRC




Verliezen is nooit leuk, maar verliezen in de volle openbaarheid, ten overstaan van de hele Tweede Kamer en honderdduizenden tv-kijkers lijkt me een ramp. Het overkwam woensdag Khadija Arib, op dat moment nog de voorzitter van de Tweede Kamer.Ze zat op een van de achterste bankjes toen de uitslag van de telling bekend werd gemaakt. Zoveel stemmen voor Bosma, zoveel voor Arib en zoveel méér voor Bergkamp – in die volgorde. Naast haar stond Azarkan en voor haar zat Kuzu van Denk, op de rij achter haar zaten Bosma en Bergkamp, die verzaligd naar het plafond keek. Kuzu draaide zich om en zal enkele opbeurende woordjes tegen haar hebben gemompeld, maar ze leken niet tot haar door te dringen – daarvoor was haar verslagenheid te groot. Ze keek als iemand die zich door vriend en vijand in de steek gelaten voelde, wat in zekere zin ook zo was. Geestverwante collega’s bij VVD, D66 en CDA durfden in de anonimiteit van de verkiezing kritischer te zijn dan ze in het openbaar waren geweest. Ze zal met een nederlaag rekening hebben gehouden, nadat De Telegraaf ’s morgens al had gemeld dat haar politieke leven aan een „zijden draad” hing. Maar als ze tevoren geweten had dat het geen zijden draad was, maar gegalvaniseerd prikkeldraad, had ze zich beter kunnen terugtrekken.Ze hoeft zich nergens voor te schamen, want ze is vijf jaar lang een interessante en bij een breed publiek geliefde Kamervoorzitter geweest, maar toch zal de schaamte overheersen. Want wie zwaar verliest, schaamt zich diep voor zijn inferioriteit. Je hebt gefaald, de nederlaag is onuitwisbaar. Ik spreek uit ervaring, want mijn ergste nederlaag dateert alweer van ruim zestig jaar geleden, maar staat me nog steeds schrijnend voor de geest. Ik moest een blokje hardlopen tegen een jongen uit de buurt. Fransje. Het was een tengere jongen, veel kleiner dan ik, en hij loenste achter een zielig brilletje. Ik zag de triomf al gloren, maar Fransje trippelde snel met korte, driftige passen van mij vandaan. Als hij me in stilte had verslagen, op een afgelegen bospad, was er niet zoveel aan de hand geweest. Maar de hele buurt kon meekijken, de jongens aan de finish voorop, en de schaamte was ondraaglijk. Lijd je zo’n nederlaag in je jeugd, dan is niet alles verloren en mag je later misschien toch nog voor een krant schrijven, maar Khadija Arib overkomt het op haar zestigste. Dat hadden ze bij VVD, D66 en CDA wel mogen beseffen. Hopelijk kan Tjeenk Willink dat in de formatiebesprekingen meenemen: politici boven de zestig worden in het openbaar voortaan in hun waarde gelaten, tenzij ze incapabel en niet integer zijn – wat ik niemand over Arib heb horen beweren. Dus geen openbare executies meer van Kamervoorzitters, maar stemmingen in beslotenheid. Wat we politici, en zeker vrouwelijke, evenmin mogen aandoen, is ze een stoel weigeren, zoals Erdogan met Ursula von der Leyen deed. Oók een vorm van smadelijke behandeling in het openbaar. Erdogan werd in hufterigheid nog overtroffen door Charles Michel, de Europese Raadspresident, die keurig naast hem ging zitten. Ik moest meteen aan Arib denken. Zou zij het, zoals Von der Leyen, gepikt hebben? Ik weet wel zeker van niet. Waarom moest ze eigenlijk weg? Ik hoop dat nog eens te horen van het Nieuwe Leiderschap van D66.

Nieuwsbrief
NRC De Haagse Stemming

Volg de formatie op de voet en word zelf een Haagse ingewijde

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 9 april 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *