Jaar celstraf voor verdachten fipronilaffaire




De hoofdverdachten in de fipronilzaak van 2017, Chickfriend-oprichters Martin van de B. en Mathijs IJ., zijn veroordeeld tot een jaar celstraf omdat zij de volksgezondheid in gevaar hebben gebracht. Tot dat oordeel kwam de rechtbank in Zwolle maandag. Volgens de rechter hebben de twee nagelaten om onderzoek te doen naar het bestrijdingsmiddel dat ze leverden aan Nederlandse pluimveehouders, waardoor ze verantwoordelijk zijn voor het in gevaar brengen van de volksgezondheid. Tegen de twee was een gevangenisstraf van twee jaar geëist, waarvan zes maanden voorwaardelijk.Van de B. en IJ. zijn de oprichters van het bedrijf Chickfriend, dat in 2014 een middel introduceerde tegen bloedluis. Honderden boeren hadden hun omzetten zien dalen als gevolg van bloedluis bij hun kippen, dat de dieren verzwakt en ze ziek maakt waardoor ze minder eieren leggen. Van de B. en IJ zagen het probleem onder pluimveehouders en ontwikkelden een bestrijdingsmiddel. Boeren gingen massaal in zee met het bestrijdingsmiddelenbedrijf. Daarmee verdween de bloedluis uit de stallen. Later bleek dat het bestrijdingsmiddel ook fipronil bevatte, een giftige insecticide die schade kan toebrengen aan de gezondheid en daarom verboden is bij de productie van voedingsmiddelen.Fipronil in eierenDe Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) kwam er in 2017 achter dat fipronil via deze weg in eieren terecht was gekomen. Als gevolg daarvan greep de toezichthouder hard in: miljoenen eieren werden vernietigd, honderden pluimveebedrijven moesten sluiten en tienduizenden kippen werden geruimd. Van B. en IJ. stelden dat ze niet op de hoogte waren dat hun bestrijdingsmiddel fipronil bevatte, maar volgens justitie hadden de twee op internet gezocht naar de schadelijke werking ervan en „welbewust informatie achtergehouden” over de samenstelling.Chickfriend en het zusterbedrijf Chickclean moeten voorwaardelijke boetes van 25.000 euro betalen. Beide bedrijven zijn sinds de fipronilaffaire niet meer actief. De straf valt lager uit dan de eis van het Openbaar Ministerie, omdat de rechter stelt dat de schade voor de gezinnen van beide verdachten groot is.De financiële schade voor de pluimveesector is geraamd op zo’n 75 miljoen euro. Brancheorganisatie LTO spande samen met 124 betrokken bedrijven een zaak aan tegen de NVWA, omdat zij vonden dat de toezichthouder de financiële schade moest dekken. De rechter oordeelde vorige maand dat de NVWA daar niet aansprakelijk voor is. Volgens de rechter blijven de pluimveehouders zelf verantwoordelijk voor de veiligheid bij de voedselproductie. In 2018 concludeerde de commissie-Sorgdrager dat zowel de toezichthouder als de sector hebben gefaald in de fipronilaffaire.

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 13 april 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *