Klauterwouden – NRC

Klauterwouden – NRC

[ad_1]


Bij het laatste seizoen van de coronapersconferenties ben ik afgehaakt. Ik kijk voortaan alleen de samenvatting op Rijksoverheid.nl. Dat voelt een beetje als het checken van je staatsloten. Welke troostprijsje zal het nu weer zijn? ‘Verhuur van boten, kano’s en fietsen.’ Tsjonge. Maar in de voorafgaande periode heb ik al vier roeiboten gehuurd en twee fietsen! ‘Muziekles.’ Echt? Dat hadden de kinderen al sinds 1 maart. Zelfs het jeugdorkest repeteert alweer twee maanden fysiek.Nog een gelukkige in de trekking van dinsdag: de klimbossen. Wat? Is dit soms de trekking van een jaar eerder? Die klauterwouden zijn al lang open! Sterker nog, nu ik dit schrijf – Hemelvaartsdag – sta ik nog te trillen op mijn benen van een bezoekje aan Avatarz bij Oldenzaal. Al wekenlang zijn de klimbossen open, van Achterhoek tot de Veluwe. Die in Rotterdam en Amsterdam zijn wel dicht. Het verschil: de ene burgemeester merkt het welwillend aan als buitensport, de ander houdt stug vol dat het een attractie is of zo’n levensbedreigende ‘doorstroomlocatie’. Anders dan de sekswerkers trokken bibliotheken aan het kortste eind, maar na maatschappelijke druk kregen ze toch een deel van de koek. Het toont hoe ongericht de maatregelen zijn. Onderliggende hypothesen over verwachtte effecten? Welnee. Wie hard lobbyt of een buigzame burgemeester heeft, kan eerder open. Bij de boven ons gestelden blijkt er in heel grove trekken wel iets van een onderlinge hiërarchie in al die pleziertjes te bestaan. Winkelen op eenzame toppositie. Bibliotheken net iets lager ingeschaald dan bordelen. Daaronder heb je dan nog de theaters, musea, dans- en muziekensembles. De onderbouwing beperkt zich tot de onderbuik van Hugo de Jonge, die glansrijk afstevent op de Halbe Zijlstrawisseltrofee, met typeringen als „vertier van een enkeling”, „je kunt ook een dvd opzetten”. Dinsdag breidde hij dit repertoire uit met deze improvisatie in het vragenrondje: „We zijn allemaal kunstliefhebber tot en met en we gaan graag naar een theater en naar een museum. Maar als je een dag zonder zou moeten, kan dat.”Deze vrijdag zitten we exact honderdvijftig dagjes zonder. Dat berekende ik net tussen twee hoge klimparcoursen door. Om me heen de wirwar van loopbruggen, touwladders en ziplines, gillende kinderen, volwassenen met trillende doodsangst in de benen. Het klimbos symboliseert niet alleen ons totaal ondoorgrondelijke versoepelingspad, het zal ook zijn hoe we ons straks door de heropende wereld bewegen – de langverwachte megajackpot. Eerst op wiebelbenen. Je kijkt omlaag en je instinct schreeuwt: levensgevaarlijk! Maar langzaamaan krijg je vertrouwen in je zekeringkabels. Dan kun je genieten van het uitzicht. Wat een voorstelling! Even veilig en opwindend als het in musea en theaters al die tijd al was.
Christiaan Weijts schrijft elke vrijdag op deze plek een column.

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 14 mei 2021

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *