Leegtes om te betreden, verkennen en te vullen met verbeelding

Leegtes om te betreden, verkennen en te vullen met verbeelding

[ad_1]


Sommige rijken zijn zo uitgestrekt dat het onmogelijk is voor een keizer om al zijn steden te bezoeken. In Italo Calvino’s roman De onzichtbare steden vertelt Marco Polo daarom aan de Tataarse Kublai Khan over de fantastische plekken die de Khan nooit zal zien. Er zijn steden die opzwellen als sponzen, zodra ze gevuld worden met herinneringen. Er zijn steden waar geen enkel verlangen verloren gaat. Steden die vol staan met palmen die als harpen zingen in de wind. En er zijn steden die gevuld zijn met de leegte die de verhalen over die steden oproepen. Twee kunstenaars: heel verschillend, en toch met eenzelfde, niet per se hardop uitgesproken inspiratie. Dat is het gevoel dat overvalt in de museale duo-presentatie betreed van Karin van Dam (1959) en Robbie Cornelissen (1954). De twee stellen voor de derde keer samen tentoon, nu in de Haagse galerie Maurits van de Laar. De expositie die zich over drie ruimtes vertakt, bestaat uit architectonische beelden van stof en metaal, en uit werken op papier. Die werken op papier lijken soms op sculpturen, zo dik zijn de lagen grafiet opgebracht waarmee is getekend, gedrukt, rondjes gedraaid op papier, en zo diep en zuigend is het perspectief: je tuimelt er als kijker in. De twee kunstenaars delen een voorliefde voor structuren – natuurlijke en kunstmatige. Van Dam is sinds een vrij recente reis naar Canada gefascineerd geraakt door de sporen die insecten in de bodem achterlaten, de nerven van bladeren, het zwamvlokkige netwerk waar paddenstoelen uit groeien. In Den Haag excelleert zij met poliepachtige vormen van wol, katoen en kunststof. Er zijn poliepen die pront aan de muur hangen, rechtop staan, kronkelen als wilgentakken. Maar er zijn ook poliepen die als een slakkenhuis zijn gekruld, pluizige draadjes slingeren als bloedvaten over de vloer. De kleuren, overwegend zwart, wit en grijs, zijn versterkt met knaloranje. Van Dams meest in het oog springende installatie Cladonia Fimbriata (2021) vormt ondanks het verschil in materiaal een prachtig verbond met Cornelissens reusachtige wandtekening De Wachtkamer van MvdL (2021). In een glanzend muisgrijs firmament hangt een ruimteschip doodstil, als een kathedraal, een bibliotheek met echoënd lege planken. Alles is oorverdovend vol in deze wachtkamer, die zo omringd wordt door leegte, althans de suggestie daarvan. Ja, je kunt de tientallen werken in de galerie verkennen met je ogen. Je kunt hun leegte betreden. Je kunt flarden van verhalen, bekende plekken, tekens, structuren herkennen. Maar je zult ook weten dat het niet genoeg zal zijn. Je zult deze werken niet echt doorgronden. Je kunt ze alleen maar vullen met verbeelding, zoals Marco Polo bij de Kublai Khan deed.
Beeldende kunstPlaces We Have Never Been before – Robbie Cornelissen en Karin van Dam. T/m 20/6. Galerie Maurits van de Laar, Herdersstraat 6, Den Haag. ●●●●●

Nieuwsbrief
NRC Cultuurgids

Wat moet je deze week zien, horen of luisteren? Onze redacteuren recenseren en tippen

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *