‘Moria’ een jaar later: er is nog helemaal niets verbeterd




Een half jaar geleden brandde vluchtelingenkamp Moria op Lesbos af: families sliepen op straat en parkeerplaatsen, zonder eten, zonder medische zorg, zonder onderdak. „Doe iets!” schreef een van ons die week in deze krant, en drong aan op een ruimhartiger gebaar dan de verachte Moria-deal, wijzend op de oproep van gemeenten om vijfhonderd kinderen uit te nodigen. Op deze noodkreet volgden honderden reacties van Nederlanders die machteloos toekeken bij zoveel leed zo dichtbij.
Helaas, op landelijk niveau ontbreekt tot nu toe de politieke wil hier iets aan te doen. Een motie met dezelfde oproep werd onlangs in de Tweede Kamer met een krappe meerderheid verworpen. Te veel Nederlandse politici voelen zich niet medeverantwoordelijk voor de mensonterende omstandigheden van asielzoekers op de Griekse eilanden. Maar is dat terecht?
De Europese Unie heeft sinds twintig jaar op papier gemeenschappelijke regels voor de opvang en de procedure voor asielzoekers. Tegelijkertijd zijn er criteria vastgesteld voor de verdeling van de asielverzoeken, om te voorkomen dat een asielzoeker in meer dan één EU-land zo’n verzoek kan indienen. Maar juist die criteria staan een gelijke behandeling van asielzoekers in alle lidstaten in de weg. Want asielverzoeken worden niet eerlijk verdeeld. Omdat het eerste land van binnenkomst verantwoordelijk is voor de asielprocedure, ervaren de lidstaten aan de buitengrenzen een disproportioneel grote druk. Ondanks de in het Europese verdrag vastgelegde verplichting tot solidariteit, is het overnemen van asielzoekers van andere lidstaten voornamelijk gebaseerd op vrijwilligheid. Het gebrek aan bereidheid om asielzoekers over te nemen van de grenslanden, laat zien dat alleen met een verplichte evenredige verdeling asielzoekers kunnen rekenen op fatsoenlijke opvang en snelle behandeling van hun asielverzoek. Dat ook veel Nederlandse politieke partijen die mening zijn toegedaan, blijkt uit hun verkiezingsprogramma’s.
Maar zover zijn we nog lang niet, als die verplichting er al komt. Voor de asielzoekers in deze crisissituatie op de Griekse eilanden (7.300 op Lesbos, nog eens zoveel op de andere eilanden) bieden nieuwe regels te traag en onvoldoende perspectief. Asielzoekers in Griekenland zijn alleen geholpen met snel en daadkrachtig handelen door de andere lidstaten.
Alleen financiële steun bieden aan Griekenland is niet genoeg. Ondanks miljarden aan overgemaakt EU-geld leven mannen, vrouwen en kinderen nog steeds in krottenwijken, verstoken van alle basale voorzieningen. En dat zijn de mensen op de vlucht die ‘het geluk’ hadden niet door de Griekse kustwacht terug de zee op geduwd te zijn, in strijd met het grondrecht op het zoeken van asiel. Deze maand werd bekend dat bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens een klacht is ingediend namens twee kinderen van 15 die, na geslagen en mishandeld te zijn door de Griekse kustwacht, op zee werden gedumpt in een rubberboot zonder motor. Zij bereikten Turkije door met hun handen te peddelen. Hun lot wordt gedeeld door velen, zo blijkt uit rapporten van onderzoeksjournalisten, internationale organisaties en ngo’s. De andere lidstaten en de Europese Commissie treden niet op tegen deze mensenrechtenschendingen, als een soort aflaat voor het uitblijven van een eerlijke verdeling van de verantwoordelijkheid.

Praat mee met NRC

Onderaan dit artikel

kunnen abonnees reageren.

Hier leest u meer over reageren op NRC.nl
.

Lees ook deze reportage: Asiel gekregen, maar nog altijd vast in een tochtige tent op Lesbos

Op Lesbos is uiteindelijk een nieuw kamp opgetrokken, op de vervuilde grond van een voormalig militair terrein, zo laag gelegen dat het zeewater het geregeld overstroomt. Nog steeds ontbreken elektriciteit, drainage, warm water en voldoende sanitaire voorzieningen. De ‘bewoners’ van dit verschrikkelijke kamp hebben geen enkel zicht op of informatie over de behandeling van hun asielverzoek. De Griekse regering blijft bovendien asielverzoeken afwijzen met de reden dat de asielzoeker terug kan naar Turkije, ook al neemt dat land sinds maart vorig jaar niemand over. Na de trauma’s die deze mensen al hadden opgedaan, vóór en tijdens hun vlucht, met de brand van het Moria-kamp en het vaak al jaren durende, mensonterende verblijf, lijken ze nu weg te zakken in vergetelheid.
Duidelijk is dat hun situatie niet vanzelf zal verbeteren. Er is actie nodig. Als we nog iets van de geloofwaardigheid van onze asielregels willen behouden, zal tegen Griekenland moeten worden opgetreden wegens het schenden van praktisch elke Europese standaard voor asielopvang en -procedure. Dat is aan de Commissie. Als de andere lidstaten de humanitaire situatie onacceptabel vinden, dan zullen ze deze situatie moeten beëindigen. En geloof ons, met politieke wil is dat een piece of cake. Ook al doen niet alle lidstaten mee, dan nog zijn een gezamenlijke evacuatie en verdeling van de asielzoekers logistiek en politiek haalbaar. In de meeste EU-landen zetten ontelbaar veel maatschappelijke organisaties, gemeenten, kerken en burgerbewegingen zich onvermoeibaar in om beweging te krijgen in dit menselijke drama.
Onlangs werd bekend dat het aantal asielaanvragen vorig jaar met een derde is gedaald als gevolg van de corona-crisis. Een extra reden om deze getraumatiseerde asielzoekers eindelijk de helpende hand te bieden. Maak Europa weer menselijk en geloofwaardig.
Tineke Strik is Europarlementariër voor GroenLinks.
Barbara Wegelin is advocaat.

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

nrc.next
van 12 maart 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *