Nieuw op de menukaart: de meelworm

Nieuw op de menukaart: de meelworm

[ad_1]


Bij binnenkomst slaat de stank direct op je keel. Een muffe, zurige lucht – daar kan zelfs een mondkapje niet tegenop. Maar de miljoenen meelwormen die sinds begin dit jaar worden gekweekt in dit bedrijfspand, net buiten het centrum van Zwolle, smaken er niet minder om, zegt Wouter Simons. Vanachter zijn bureau vist de 44-jarige kweker grijnzend een gedroogd wormpje uit een plastic doosje. Beneden in het pand boren en hameren werklui zich een slag in de rondte. Ze leggen de laatste hand aan wat een van Nederlands grootste meelwormkwekerijen moet worden. „Proeven?”Nieuwkomer op de Europese menukaart: de meelworm. Larf van de Tenebrio molitor, de meeltor. Vorige week stemden 27 EU-lidstaten in met het voorstel van de Europese Commissie om meelwormen toe te staan als voedsel. De komende weken worden de laatste bureaucratische handelingen verricht. Daarna mag het beestje, als eerste insect in Europa, officieel voor voedselproductie worden verkocht in Europa. Sprinkhanen en krekels volgen spoedig, naar verluidt.Een wereldschokkende verandering is dit niet. In Nederland werd de verkoop van meelwormen de afgelopen jaren oogluikend toegestaan. Maar nu het écht mag, zegt Simons, zullen meer producenten de beestjes kweken en gaan de prijzen dalen. „Ik verwacht een boom.”BroedhoekDe productie van vlees staat al geruime tijd ter discussie – vanwege dierenleed, het grote ruimtebeslag en milieuschade. De meelworm zit, net als veel andere insecten, vol eiwitten en is zo een potentiële vleesvervanger. Je kan van alles van meelwormen maken, zegt Simons. Pasta, burgers. Je kan ze ook in de salade doen, zegt hij, in plaats van nootjes.Simons schuift de deur van de ‘kraamkamer’ open. Zoemende ventilatoren, tl-verlichting, de thermometer staat op 27 graden. Hij loopt naar een stellingkast met tientallen plastic bakken. In elke bak krioelen duizenden meelwormen tussen plantaardig voedsel – vooral wortel, tarwezemelen en bietenpulp. Hoe gezonder het beestje eet, des te meer eiwitten de meelworm bevat.
Voor larven hoeven we geen bossen te kappen
Carola Schouten minister
Simons wijst naar de broedhoek, een aantal op elkaar gestapelde bakken. Een tor legt dagelijks circa zeven eitjes, 35 dagen lang. Na tien weken is zo’n eitje uitgegroeid tot meelworm. Als het beestje verder groeit, wordt het een kever. Maar dat wil Simons niet. De volgroeide meelwormen worden uit de bakken gezeefd en in een koeling gestopt, waardoor de groei stopt en ze in „winterslaap” gaan. Vervolgens worden ze – buiten bewustzijn – doorverkocht aan een verwerker, die de beestjes in een snelkookpan op 75 graden Celsius blancheert en er vervolgens bijvoorbeeld burgers van kan produceren. Dat is geen fijne dood, erkent Simons. Even weegt hij zijn woorden zorgvuldig. „Dierenactivisten” bekritiseren hem omdat hij meelwormen produceert. Maar de andere optie is invriezen, zegt Simons, waardoor sterven langzaam gaat.

Lees ook: Het vis- en hondenvoer komt straks uit de vliegenfarm

Ook het kabinet heeft interesse in de meelworm. Het wil insecten als milieuvriendelijk alternatief in veevoer gaan gebruiken. Nu wordt veevoer voornamelijk gemaakt van soja uit Argentinië en Brazilië. Het transport ervan vervuilt enorm en voor de teelt van sojabonen wordt (tropisch) bos gekapt. Minister Carola Schouten (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, ChristenUnie) liet twee jaar geleden, op bezoek bij een grote kwekerij van vliegenlarven, merken dat ze haar zinnen op de insectenkweek heeft gezet. „Het insect als productiedier gaat volgens mij een veelbelovende toekomst tegemoet”, zei Schouten. Maar Europese wetgeving staat dat nog in de weg. Na de gekkekoeienziekte, eind jaren 90, waarbij koeien ziek werden van voedsel met dierlijke resten, zijn de regels in Europa aangescherpt. „Ik vind dat Europa die belemmering snel moet opheffen”, zei Schouten. „Voor larven hoeven we geen bossen te kappen of zeeën leeg te vissen.” De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit stelde twee jaar terug in een onderzoek dat „insecten veilig in diervoer gebruikt kunnen worden.” MilieubelastingSoja zet een enorme ‘voetafdruk’ op de wereld, zegt kweker Simons. Die van meelwormen is een stuk kleiner. „Op een halve vierkante meter kweek je een kilo meelwormen.” Is de meelworm een oplossing voor het veevoerprobleem? En beter voor milieu? Dennis Oonincx, onderzoeker aan Wageningen University en Research, bestudeerde dat. Hij vergeleek de milieubelasting van de meelworm met die van de melk-, varkens-, rundvlees- en kipproductie. Hij bekeek het land- en energiegebruik en de uitgestoten emissie per kilo eiwit voor varkens, rundvlees, kip en meelworm.De meelwormen, gekweekt in een voormalig champignonbedrijf, hadden verhoudingsgewijs veel minder ruimte nodig dan varkens, maar het energieverbruik was praktisch hetzelfde. Meelwormen, stelde Oonincx vast, gedijen goed bij warmte, en dat kost energie. In Zwolle doet Simons er alles aan om het ideale klimaat te creëren. Hij stak, met hulp van investeerders, miljoenen euro’s in het pand. Zo is in de broedbakkenkast een efficiënt verwarmingssysteem ingebouwd, en zijn de muren in de kweekruimtes beter geïsoleerd „dan wat jij en ik thuis hebben”, zegt Simons. Hij produceert nu nog kleine hoeveelheden meelwormen, maar als zijn bedrijf op volle toeren draait, hoopt hij circa vijftien ton per week te produceren.Als het aan onderzoeker Dennis Oonincx ligt, worden meelwormen alleen voor menselijk voedsel gebruikt. „Waarom zou je een product dat prima is voor mensen aan dieren voeren?”

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *