‘Rechts-extremist breder geaccepteerd’ – NRC




Aan de rechts-extremistische activist Hans wordt gevraagd wat hij aan Nederland zou veranderen als hij aan de macht zou komen. „Als ik al mijn raciale standpunten er doorheen zou moeten drukken, haha, dan wordt het toch echt een compleet bloedbad.” Zijn vriendin verzucht hoofdschuddend vanaf de bank: „Ik denk ook niet dat je een geliefd leider zou zijn.” Het is een scène uit het nieuwe boek Maar dat mag je niet zeggen van voormalig journalist Nikki Sterkenburg. Daarin beschrijft ze dat mensen zoals Hans 25 jaar geleden in een sociaal isolement belandden. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat leden van toenmalige radicaal- en extreem-rechtse partijen als de Centrum Democraten en CP’86 vaak hun baan en hun echtgenoot verloren, en weinig vrienden overhielden. Sterkenburg, die deze woensdag promoveert op radicaal- en extreem-rechts in Nederland, constateert dat dit tegenwoordig anders is. Hans was in het verleden lid van neonazistische groepen als de NVU en Blood & Honour. Tegenwoordig is hij een soort freelance-activist die bij allerlei extreem-rechtse protesten opduikt. De ene keer probeert hij met vrienden een bus van actiegroep Kick Out Zwarte Piet klem te rijden. Een paar weken later duikt hij op bij een demonstratie van anti-fascisten om een rel uit te lokken.

Lees ook: Informant voor politie en AIVD bij extreem-rechts: ‘Het was spannend, verslavend zelfs’

‘Hadden we van jou niet verwacht’In het boek vertelt Hans dat zijn werkgever hem weleens bij een actie op tv ziet, maar dat dit geen problemen oplevert. „Oh, dat hadden we niet van jou verwacht”, klinkt het dan hooguit. Volgens Sterkenburg geldt dat voor de meesten van de tientallen activisten die ze sprak. „Ze worden door hun omgeving eerder aangemoedigd dan ontmoedigd”, zegt ze. Sterkenburg is plaatsvervangend hoofd analyse bij de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV). Aanvullend bewijs voor haar stelling dat rechts-extremisten tegenwoordig breder worden geaccepteerd, ziet ze tijdens de coronaprotesten. Daar lopen keurige burgers gebroederlijk naast „wij zijn Nederland” schreeuwende leden van diverse extreem-rechtse groepen. anti-coronademonstranten„Dat was in de jaren negentig ondenkbaar”, zegt Sterkenburg. Ze verwijst naar de moord op Marianne Vaatstra in 1999 in het Friese Kollum. De Centrum-Democraten en de Nieuwe Nationale Partij zochten aansluiting bij inwoners die de dader in een asielzoekerscentrum zochten. „Daar waren die mensen absoluut niet van gediend. Niemand wilde met deze groepen geassocieerd worden.” Het aantal rechts-extremistische activisten in Nederland is volgens Sterkenburg nog altijd niet groter dan zo’n 250. Maar radicale uitlatingen door politici hebben hen volgens de onderzoekster wel uit hun isolement gehaald. Hun ideeën klinken niet alleen door bij radicaal-rechtse partijen als de PVV en FvD, maar ook bij de grootste regeringspartij VVD.„In de Tweede Kamer is inmiddels gedebatteerd over de vermeende relatie tussen volkeren en IQ, minister Stef Blok blijkt op een besloten bijeenkomst te hebben gesuggereerd dat verschillende volkeren niet kunnen samenleven, en voormalig VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff heeft plannen de wereld in geslingerd om mensen uit probleemwijken zwaarder te straffen. Tot zover het gelijkheidsbeginsel”, schrijft ze in haar boek.Promovenda Nikki Sterkenburg zegt zich in haar nieuwe rol bij de NCTV afzijdig te houden bij politieke analyses van uiterst rechts. „Een principe van wetenschappelijk onderzoek is dat je de mensen die je spreekt geen schade berokkent. Ik zeg dus niet ‘bedankt dat jullie mij alles hebben verteld over radicaal- en extreem-rechts en dan ga ik nu voor de overheid werken’.”

Lees ook: NCTV: lage drempel voor extremisme onder

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 19 mei 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *