Scheidend ANWB-chef Frits van Bruggen: ‘Vakantie is een oer-instinct’




Bedankt, zei de koning. Bedankt voor al het werk dat de ANWB het afgelopen jaar voor Nederland heeft gedaan. Dank voor de alarmcentrale die duizenden landgenoten hielp terughalen uit het buitenland. Voor het assisteren van het Rode Kruis en de GGD. Voor het helikoptervervoer van patiënten door heel Nederland, en van Covid-19-patiënten naar Duitse ziekenhuizen. Twintig minuten belde koning Willem-Alexander in april met hoofddirecteur Frits van Bruggen van de ANWB. „Hij wilde ook meteen weten met welk type helikopter we vliegen”, vertelt Van Bruggen glimlachend in het ANWB-kantoor in Den Haag. „Dat wist ik gelukkig, de H145 van Airbus. Ik ben wel eens meegevlogen.”Frits van Bruggen (61) is bezig aan zijn laatste weken bij de ANWB. Op 1 april stopt hij na elf jaar. Wie met hem terugblikt, ontkomt niet aan de coronacrisis. Die maakte van 2020 een tweeslachtig jaar. Hulpverlening (wegenwacht, traumahelikopters, alarmcentrale) en verzekeringen (Unigarant) bloeiden, reizen en detailhandel kregen zware klappen. Intussen wierp Van Bruggens lobby voor verkeersveiligheid – „namens bijna vijf miljoen leden, ongeveer de helft van het aantal huishoudens in Nederland” – vrucht af. Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur, VVD) schreef een Strategisch plan verkeersveiligheid en stelde een half miljard euro beschikbaar voor allerlei projecten. Van Bruggen: „Zo is verkeersveiligheid een nationale prioriteit geworden.”Maar zijn oproep de mobiliteit in Nederland te verbeteren, leverde nog weinig op. Tot zijn frustratie. Hardloper Van Bruggen: „Dit traject is 42 kilometer lang. Verder dan het paaltje van 15 kilometer zijn we nog niet. Dan loop je lekker, het voelt best aardig, maar je hebt nog een enorme afstand te gaan.”

Lees ook: We moeten van de ANWB allemaal elektrisch gaan rijden

Eigenlijk hebben we een ramp nodig, zei de ANWB-baas in 2018 in NRC. Die zou de politiek wakker schudden. „Alles slibt dicht: wegen, spoor, fietspaden.” Twee jaar later was daar de coronacrisis. „Dit had ik natuurlijk niet voorzien. Maar figuurlijk heb ik het wel zo bedoeld. Er voltrekt zich een ramp als Nederland vastdraait. De verkeersveiligheid en de bereikbaarheid stagneren. Dat is nog niet veranderd hoor.” Ziet u wel een ‘corona-effect’?„We zijn in een andere wereld terechtgekomen. Bijzonder vind ik het gemak waarmee Nederland ging thuiswerken. En veel meer ging fietsen en wandelen. De keerzijde is dat het aantal verkeersslachtoffers niet is gedaald, maar gestegen. Dat komt omdat er meer wordt gefietst en gewandeld.„Doordat we zoveel thuiswerkten, zijn de files vorig jaar met 63 procent afgenomen in vergelijking met 2019, gemeten in lengte maal tijd. Het gekke is dat de mobiliteit zelf – het aantal kilometers dat we over de weg rijden – minder is gedaald. Dat komt door de spreiding van het verkeer over de dag. De Wegenwacht had slechts 10 procent minder werk.” Wat is dan de les voor onze mobiliteit na de crisis?„De oproep die ik nadrukkelijk doe aan werkgevers: laten we meer blijven thuiswerken. In onze enquêtes zegt 62 procent van de mensen die kunnen thuiswerken dat ze dat willen blijven doen. Eén of twee dagen per week.„Mijn tweede oproep: ga meer gespreid reizen. Als we met z’n allen weer in de ochtendspits kruipen, in de trein of de auto, dan loopt het land alsnog vast. Werkgevers en onderwijsinstellingen kunnen daar veel aan doen.”En de les voor stedelijke mobiliteit?„Veel steden zijn ingericht om er met de boot in te gaan, wandelend of te paard. Ik bedoel: de meeste zijn ontstaan in de Middeleeuwen. Later is er een enorme hoeveelheid autoverkeer ingekomen. Nu zie je een sterke toename van wandelaars, fietsers en andere vormen van ‘micromobiliteit’. Daarom moeten we de stad de komende tien, twintig jaar opnieuw inrichten. De bevolking blijft groeien, de vraag naar mobiliteit blijft stijgen.„De ANWB is voor hubs om steden. Wie naar de stad komt, schakelt aan de rand over op lokaal collectief vervoer of deelvervoer. Groot vrachtverkeer verdwijnt uit de binnenstad en maakt plaats voor bijvoorbeeld elektrische bakfietsen. We moeten verkeersroutes scheiden: een fietser zou nooit een vrachtwagen moeten tegenkomen in de stad.” Voor grootschalige herinrichting van de stad is toch helemaal geen geld? Er is nu al niet genoeg voor onderhoud van bestaande infrastructuur.„Ja, of het nu gaat om rails of wegen, er is te weinig geld voor onderhoud. Daar is enorm op bezuinigd. Mijn grootvader werkte bij Rijkswaterstaat. Die heeft de nodige bruggen gebouwd. Die liggen er nog allemaal maar sommige zijn zo oud dat je een Museumjaarkaart nodig hebt om er overheen te rijden.„Er moet een hoger percentage van ons bruto nationaal product naar verbetering van de mobiliteit. Daarom ben ik blij met het Groeifonds van de overheid voor innovatie en infrastructuur. Daar zitten al in: doortrekken van de Noord/Zuidlijn [de metro van Amsterdam Centrum naar Schiphol], het verbeteren van het regionale railvervoer in Zuid-Holland. Maar als je de bereikbaarheid wil verbeteren en auto’s uit de stad wilt hebben, moet de infrastructuur beter en veiliger.”De ANWB vindt dit al veel langer. Zie uw noodkreet uit 2018. Heeft u genoeg bereikt? „Het is nog te weinig, absoluut. Mijn opvolger moet daar ook vol mee door. Deze veranderingen vragen tijd in Nederland. De verkiezingen en de kabinetsformatie zijn een belangrijk moment. We hebben nu 3 miljard extra per jaar nodig voor infrastructuur in de breedte: auto, treinen, fiets. Dat is cruciaal voor de Nederlandse economie.”Betere mobiliteit is ook: eerlijker beprijzen van vervoer. Dit autobelastingsysteem noemt men verouderd. Moeten we betalen per gereden kilometer?„De helft van de Nederlanders wil dat het systeem van autobelastingen wordt aangepast. Slechts 14 procent zegt dat het systeem nog jaren mee kan. Dat onderzoeken we allemaal. Wij weten wat Nederland denkt per partij.„De meeste ANWB-leden zeggen: gooi alle autobelastingen bij elkaar, met accijns en alles gaat dat richting 20 miljard per jaar. Deel dat door het aantal gereden kilometers in Nederland en dan heb je de vlakke kilometerheffing. Dat vindt ook de meerderheid van de VVD-stemmers – hebben we onderzocht. Net als de kiezers van de andere partijen, maar bij de VVD zelf was daarvoor nog geen meerderheid.” Een spitsheffing is beter voor de doorstroming dan een vaste heffing per kilometer, zegt het Central Planbureau.„Ja, bij het ov zie je dat wel: je betaalt meer in de spits. Of: je krijgt korting in de daluren. „Een vlakke heffing maakt je al bewuster van de kilometers die je rijdt. Dit vinden de leden eerlijk. En, zegt een meerderheid, pas het kilometertarief aan op basis van uitstoot en brandstof van het voertuig. Maar 20 of 50 procent meer betalen om te rijden tussen half acht en half negen? Dat willen ze absoluut niet. Wij zeggen als ANWB heel nadrukkelijk: ‘Doe dat niet!’. Dan heb je geen draagvlak. Alleen maar heisa. „Als ik bij Hans Vijlbrief [staatssecretaris van Financiën, D66] zit, zegt hij: ‘Frits, heb je enig idee van de Belastingdienst en de complexe software voor de autobelastingen?’ Dan zeg ik weer: ‘Heb jij enig idee hoeveel accijns op benzine en diesel je mist als er veel meer elektrische auto’s gaan rijden?’” Vóór de ANWB werkte u lang in verzekeringen, bij Nationale-Nederlanden. Wat trof u het meest toen u hier begon?„Wat mij enorm verraste, is dat hier bij een vraagstuk altijd eerst wordt gekeken naar de maatschappelijke impact, dan naar de betekenis voor de leden en daarna pas naar de continuïteit van de ANWB. Binnen de vereniging hebben we het altijd over de drie nullen. Wij willen naar nul verkeersdoden, nul uitstoot en nul files. Plus: betaalbare mobiliteit voor iedereen.„De geluksfactor mobiliteit is heel belangrijk. Die onderschatten we vaak. Onderzoek zegt: als je een uur per dag mobiel bent, ben je het gelukkigst. Als je heel oud bent, je hebt weinig geld en er gaat geen bus meer, dan ben je niet meer mobiel, en minder gelukkig. Daarom zijn we bijvoorbeeld het project ‘Automaatje’ begonnen: zestigplussers rijden tachtigplussers rond. In tachtig gemeentes brengen vrijwilligers ouderen rond, nu ook naar vaccinatielocaties van de GGD.”Bij uw aantreden maakte de ANWB nauwelijks winst. Het aantal leden stagneerde. Hoe is dat nu? „Wij zijn gegroeid van 3,9 naar 4,8 miljoen leden. Daar ben ik trots op. Nee, net geen 5 miljoen. Dat was wel het doel. De omzet is 1,2 miljard euro. Toen ik begon, was dat 1 miljard. Er zit 400 miljoen eigen vermogen in, het dubbele van 2014. We hebben geen schulden bij de bank. Een supergezonde vereniging, eigenlijk bezit van ons allen.” Het bedrijf ANWB bestaat uit vier delen: hulpverlening, verzekeringen, reizen en winkels. U benadrukt steeds het maatschappelijk belang. Bij de hulpverlening is dat duidelijk, ook bij de koning. Maar hoe maatschappelijk is de verkoop van verzekeringen?„Bij Unigarant proberen we producten te koppelen aan maatschappelijke vragen. Zo hebben we de Veilig-rijden-autoverzekering geïntroduceerd. We meten hoe je rijdt: hoe hard ga je door de bocht, hou je je aan de maximumsnelheid? Daarop baseren we de premie. Je krijgt feedback over hoe je rijdt, en dat werkt. Deelnemers rijden beter. We gebruiken de data ook – geanonimiseerd – om de verkeersveiligheid in Rotterdam te verbeteren.”Volgens de ondernemingsraad heeft u hier veertig reorganisaties uitgevoerd, ook bij de reizen. Net nu u die activiteiten onder één noemer had gebracht, brak de coronacrisis uit. „Vóór mijn tijd heeft de ANWB een hoop touroperators gekocht. Ik heb geprobeerd er één bedrijf van te maken. We hebben ook delen afgestoten, SNP Natuurreizen bijvoorbeeld. De reizentak heeft het nu zwaar. We zijn vorig jaar driekwart van onze omzet kwijtgeraakt, vergeleken met 2019 [omzet toen: 200 miljoen euro]. „Wij verwachten dat vakantiegangers op termijn weer overal heen willen. Dat komt na de crisis helemaal terug. Voor het zakelijk verkeer is dat anders. Waarom zou je elke maand naar New York gaan om zakenrelaties te spreken? We hebben echt geleerd hoe videobellen werkt.” Moet u niet actiever duurzame vakanties gaan promoten?„Je kan zeggen: de beste weg naar nul uitstoot is allemaal thuiszitten. Maar mobiliteit brengt geluk. Vakantie is een oer-instinct. Nederlanders zullen en moeten naar de camping in Frankrijk. Hoe duurzamer dat kan, hoe beter – of het nou elektrische auto’s worden of internationaal treinverkeer. Duurzamer reizen, dat is een belangrijke taak voor de ANWB. Wij kopen ook de CO2 af, voor het bedrijf en ook voor alle reizen.” Hulpverlening, verzekeringen, reizen, winkels. Kan de ANWB té breed zijn?„Ja, dat kan heel makkelijk. Je kunt het merk op ongelooflijk veel dingen plakken. En dat is precies wat je niet moet doen. We moeten binnen onze missie blijven: ‘Zorgeloos en met plezier onderweg’. „Ik ben zelf een verwoed fan van reisorganisatie SNP. Maar we hebben het bedrijf wel verkocht. Het paste niet binnen de ANWB. Te avontuurlijk. Het gemiddelde ANWB-lid wil niet zeven uur wandelen, maar twee uur. En niet op 3 kilometer hoogte maar op 1 kilometer.„In coronatijd zien we dat de diversificatie goed werkt. Wij kunnen de klappen bij de reizen en de winkels opvangen omdat de andere poten winstgevend zijn. Hulpverlening en verzekeringen gaan gewoon door. Wij maken ook geen gebruik van de NOW-regeling. Ik laat een gezonde ANWB achter.”
CV Van verzekeraar naar lobbyclub
Frits van Bruggen (1959) studeerde economie aan de universiteit in Groningen. Na zijn studie werkte hij 25 jaar bij ING Groep, waarvan de laatste tien jaar als directeur bij RVS en Nationale-Nederlanden. Tien jaar geleden werd hij lid van de hoofddirectie van de ANWB, verantwoordelijk voor hulpverlening en verzekeringen. Per 1 augustus 2014 volgde hij Guido van Woerkom op als hoofddirecteur. Op 1 april 2021 stopt hij bij de ANWB. Van Bruggen is onder meer voorzitter van de raad van toezicht van de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM). Wie hem opvolgt bij de ANWB, is nog niet bekend.

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *