Schrijvende giganten – NRC

Schrijvende giganten – NRC

[ad_1]


Het was geen gelukkige tijd voor Blake Bailey, de biograaf van Philip Roth. Uitgeverij WW Norton wilde in april zijn biografie niet herdrukken nadat vier vrouwen Bailey hadden beschuldigd van seksueel misbruik. Bailey ontkende, maar zijn uitgeverij en ook zijn agent verbraken de samenwerking. Inmiddels heeft een andere uitgeverij, Skyhorse Publishing, besloten het boek in juni wél uit te brengen. Deze uitgeverij gaf ook Apropos of Nothing, de memoires van Woody Allen, uit nadat het geweigerd was door diens uitgeverij Hachette wegens identieke beschuldigingen. Buiten de VS is Bailey’s biografie niets in de weg gelegd. Enkele Amerikaanse organisaties op het gebied van vrije meningsuiting namen het voor Bailey op, maar dat zal een schrale troost zijn geweest. Het werd er voor hem niet beter op toen er ook kritiek kwam op zijn werk als biograaf. Zo meldde de journalist-hoogleraar Corey Robin onlangs in een essay in The New York Review of Books dat Bailey het contact tussen Roth en filosofe Hannah Arendt volledig over het hoofd heeft gezien. Dat is inderdaad merkwaardig omdat over dit contact al eerder iets bekend was, merkte ik op internet. Op Crooked Timber, een linkse, politieke blog van academici, schreef Robin al in 2015 een groot artikel over de parallellen tussen de levens en het werk van Roth en Arendt. Daarin vermeldt hij ook dat Roth en Arendt in 1973 een correspondentie begonnen. Robin had dit gehoord van Ira Nadel, een Amerikaans-Canadese hoogleraar en literair criticus; Nadel was bezig met een biografie over Roth.Inmiddels is de biografie van Nadel óók uitgekomen, onder de titel Philip Roth: A Counterlife. Zo verschijnen er dus over dezelfde schrijver twee biografieën in één jaar. Arme Nadel, die met zoveel minder publiciteit werd gezegend en door Roth werd afgewezen als zijn biograaf. Ik ken zijn boek niet – dat van zijn concurrent Bailey moet ik trouwens ook nog uitlezen – maar ik neem aan dat hij daarin uitgebreid schrijft over het contact tussen Roth en Arendt. Frequent was dat contact vermoedelijk niet, maar het blijft interessant dat zulke schrijvende giganten elkaar gekend hebben zonder er ruchtbaarheid aan te geven. In 1973 schrijft Roth aan Arendt dat hij „gefascineerd” Illuminations heeft gelezen, de door haar verzorgde editie van essays van Walter Benjamin. Roth zond haar ook zijn essay over Franz Kafka. Ze antwoordde hem dat ze „met het grootste plezier” zijn satirische versie van een speech van president Nixon had gelezen. Ze grapte dat ze bang was dat Nixon deze speech zelf zou gebruiken. Ze zag uit naar Our Gang, het satirische boek dat Roth aan Nixon zou wijden. Roth schreef terug dat hij haar graag „weer” zou zien als hij in New York was. Ze stuurde hem haar telefoonnummer. Of ze elkaar „weer” ontmoet hebben, is onbekend, zoals het ook onbekend is of ze elkaar daarvoor vaker dan één keer gezien hebben.Ze hadden veel gemeen, vinden Robin en Nadel, vooral de afkeer die ze in de Joodse gemeenschap opwekten met hun kritiek die als „Joodse zelfhaat” werd afgedaan. Bladerend door de boeken van Roth vond ik nog een pregnante definitie door hem van het begrip satire: „Satire is morele woede omgezet in de kunst van het komische.” Dat komische is niet aan iedereen besteed.

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 28 mei 2021

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *