Steden teleurgesteld over voorzichtig begin bestedingen Groeifonds

Steden teleurgesteld over voorzichtig begin bestedingen Groeifonds

[ad_1]


Het langverwachte, 20 miljard euro tellende Nationaal Groeifonds gaat vooralsnog voorzichtig van start. Het grootste deel van de 4 miljard euro die het demissionaire kabinet dit jaar wilde uitgeven aan projecten die de economische groei op lange termijn versterken, wordt niet uitgegeven maar „gereserveerd”, in afwachting van een betere onderbouwing van de voorstellen. In de eerste investeringsronde van wat het ‘Wopke-Wiebesfonds’ is gaan heten, kent het demissionaire kabinet 646 miljoen euro toe aan zeven projecten op het gebied van bijvoorbeeld kunstmatige intelligentie, groene waterstof, en digitaal onderwijs. Nog eens 3,5 miljard euro reserveert het kabinet voor projecten die kansrijk zijn maar een betere onderbouwing behoeven, en voor projecten die meer geld krijgen na „bewezen succes in de eerste fase van de uitvoering”. Van het gereserveerde bedrag is met name de 2,5 miljard euro voor het openbaar vervoer in de Randstad nog onzeker. Die miljarden kunnen „ geheel, gedeeltelijk of niet worden toegekend op basis van een aangepast voorstel,” schrijft het kabinet in een brief aan de Tweede Kamer. Het kabinet nam het besluit over de investeringen niet zelf, maar volgt het advies van een externe commissie geleid door oud-minister van financiën Jeroen Dijsselbloem (PvdA). Zo moet herhaling van een soortgelijk fonds uit de jaren negentig, het FES-investeringsfonds, worden voorkomen. Dijsselbloem sprak vrijdag van een „collectief trauma”; want uit de middelen van het FES-fonds werden allerhande andere projecten gefinancierd dan oorspronkelijk de bedoeling was. Het groeifonds kreeg voor zoveel miljarden aan voorstellen dat de commissie streng moest zijn, zei Dijsselbloem. Na een eerste voorselectie dienden diverse ministeries 15 projecten in ter waarde van in totaal 24,4 miljard euro: veel meer dan het fonds aankan. Het fonds zal de komende vier jaar 4 miljard euro per jaar toekent. De commissie wees 5 projecten geheel af. In de overige projecten is gewinkeld, zei Dijsselbloem. Met behulp van economen van het Centraal Planbureau en andere experts beoordeelde de adviescommissie de plannen. Dragen ze bij aan groei? Wat zijn de bredere maatschappelijke kosten en baten? Is er niet elders financiering? Ook de kwaliteit van de uitvoering woog zwaar. De commissie hoopt dat nieuwe indieners scherpere keuzes maken. Dijsselbloem: „Groter is bij ons niet altijd beter.”Steden teleurgesteldDat merkten vooral de grote steden in de Randstad bij hun openbaarvervoerplannen. Van de bijna 17 miljard euro die werd aangevraagd, kent de commissie nu 2,5 miljard euro toe en ook nog voorwaardelijk. Pas na betere onderbouwing komt verlenging van de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp in aanmerking voor 1,5 miljard euro. Hetzelfde kreeg de metropoolregio Rotterdam/Den Haag te horen. Die maakt kans op 1 miljard euro voor uitbreiding van de spoorcapaciteit tussen Delft en Schiedam, de beruchte spoorflessenhals tussen Rotterdam en Den Haag. En dus was er teleurstelling bij de drie provincies in de Randstad, Utrecht, Noord-Holland en Zuid-Holland en de steden Utrecht, Rotterdam en Den Haag. Utrecht sleepte zelfs helemaal niets binnen. Die stad wilde ruim 2 miljard euro voor nieuwe tramlijnen door de binnenstad en een nieuw intercitystation bij Utrecht-Lunetten. Dijsselbloem erkende dat veel van de ingediende infrastructuurprojecten bijdragen aan verbetering van de bereikbaarheid en het bouwen van nieuwe woonwijken. Maar de projecten zijn te groot voor bekostiging uit het Groeifonds, schrijft de commissie. Bovendien is de vraag: moet het geld niet uit bestaande potjes voor infrastructuur komen? Dijsselbloem: „Is er een meerwaarde om zo’n openbaar vervoer project te versnellen?” Voor de Randstad is nu de vraag waar de miljarden voor betere bereikbaarheid dan wel vandaan komen. Utrecht hoopt op een nieuw kabinet. „Utrecht verdient nu een plek in het nieuwe regeerakkoord”, zegt wethouder Lot van Hooijdonk (mobiliteit). Binnenkort begint de tweede ronde van het fonds: dan kunnen ook het bedrijfsleven en kennisinstellingen hun slag slaan. Dijsselbloem gaf ze op voorhand al wat adviezen mee: de infraprojecten bijvoorbeeld, waren „tamelijk klassiek. Dat kan een slag moderner.” Ook hoopt de commissie op meer projecten die „kennisontwikkeling” willen stimuleren, en op het gebied van duurzaamheid.

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *