Turkije ontbiedt Amerikaanse ambassadeur na erkenning Armeense genocide door VS

Turkije ontbiedt Amerikaanse ambassadeur na erkenning Armeense genocide door VS

[ad_1]


De Turkse regering heeft zondag besloten om de Amerikaanse ambassadeur te ontbieden, omdat president van de Verenigde Staten Joe Biden de Armeense genocide heeft erkend. Dat melden internationale persbureaus op basis van een verklaring van het Turkse kabinet. Eerder had de Turkse minister Mevlüt Cavusoglu van Buitenlandse Zaken al gezegd de erkenning door de Verenigde Staten te verwerpen.
De erkenning doet Turkije „veel pijn” en „de wond” is „moeilijk te herstellen”, aldus Cavusoglu in de verklaring. Ook stelt de minister dat de juridische grondslag voor de erkenning ontbreekt. Turkije zelf spreekt van de „Armeense kwestie”. De vraag of de Armeniërs het slachtoffer waren van een volkerenmoord ligt zeer gevoelig in Turkije. Het land noemt hen oorlogsslachtoffers, terwijl Armenië zelf van genocide spreekt.
Tussen 1915 en 1917 werden 1,5 miljoen Armeniërs en andere minderheidsgroeperingen om het leven gebracht in het toenmalige Ottomaanse Rijk, onder heerschappij van de militaire groepering „Jonge Turken”. Veel westerse landen erkennen de moord inmiddels als ‘s werelds eerste genocide, maar de Amerikaanse presidenten ontweken die term om de diplomatieke relatie met Turkije niet te bruuskeren. Biden is de eerste president die over genocide spreekt sinds Ronald Reagan in 1981.

Lees ook: Erkenning Armeense genocide door Biden is klap in het gezicht van Erdogan

Nederlandse kabinet
Vooralsnog gebruikt het Nederlandse kabinet officieel de formulering „de kwestie van de Armeense genocide”. In februari schaarde een meerderheid in de Tweede Kamer zich achter een oproep om de Armeense volkerenmoord te erkennen. Pleitbezorger daarvan was de demissionaire coalitiepartij ChristenUnie, dat opriep tot een directere benadering.
Ook in 2018 bleek er Kamerbrede steun voor zo’n oproep; alleen Denk stemde toen tegen. Desondanks heeft het kabinet het taalgebruik over de kwestie niet aangescherpt, om de diplomatieke banden niet te schaden. Drie jaar geleden stelde het kabinet eveneens standpunten van het parlement in „volkenrechtelijke context” geen bijzonder gewicht toe te kennen. Wel stuurde het kabinet enkele maanden na de motie voor het eerst een bewindspersoon naar de jaarlijks herdenking van de slachtoffers van de volkerenmoord in de Armeense hoofdstad Jerevan.

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *