We accepteren alles en vertrouwen niks




Hoe vaak geeft u toestemming zonder te weten waarvoor? Als u het antwoord wilt lezen, moet u hier klikken op ‘Alles accepteren’. Dank voor het vertrouwen. En als u nu meer dan één keer ja invult op de volgende vragen, dan mag u zelf bepalen of u een mondige burger bent. (Dit onderzoek duurt hooguit 30 seconden.) 1. Drukt u bij de upgrade van uw computer, smartphone of tablet op „Ik heb alles gelezen en ben akkoord”, ook als u niet alles heeft gelezen? 2. En doet u dat ook bij de download van een app? 3. Als u online op zoek bent naar een nieuwe coltrui voor uzelf, of een geodriehoek voor uw schoolgaande kinderen, accepteert u dan het cookiebeleid van de desbetreffende sites zonder dat u zich erin verdiept? 4. Wanneer u de berichten van het verplegend personeel in de portal van het verpleeghuis van uw dementerende vader wilt lezen en u heeft net een nieuw wachtwoord ingesteld omdat u het vorige was vergeten, zou het u dan ook een rotzorg zijn welke cookies u nu weer accepteert? 5. Als de volksvertegenwoordiging namens u het kabinet van dit land naar huis stuurt vanwege „institutionele vooringenomenheid”, schending van „de grondbeginselen van de rechtsstaat”, „bestuurlijk onvermogen” en een „discriminerende” werkwijze, klikt u dan ook op „Het is prima dat de verantwoordelijke eindbaas achter dit bestuur blijft zitten en wordt herkozen?” Coen Simon is filosoof, schrijver en hoofdredacteur van Filosofie Magazine.
De vrije mening waar we in deze tijd de mond zo vol van hebben werd in 1784 uitgevonden door de Duitse filosoof Immanuel Kant. Hij schreef voor het Berlinische Monatsschrift een opstel getiteld: Beantwoording van de vraag: wat is Verlichting? Vanzelfsprekend hadden mensen vóór Kant ook wel eigen opvattingen, maar de mening zoals wij die nu kennen werd hier pas gevormd. Het is de mening die er mag zijn, ongeacht waar je vandaan komt, maar ook de mening die we van iedereen verwachten. Als iedereen gelijk is, schept dat ook verplichtingen. De Verlichting, zoals dit historisch wordt geduid, is dus een stuk zwaarder dan het klinkt. In de woorden van Kant: „Verlichting is het uittreden van de mens uit de onmondigheid die hij aan zichzelf te wijten heeft.” Zo, dan hoort u het ook eens van een ander. Als wij dagelijks vele malen gedachteloos bij het kruisje tekenen, moeten we dat in Kants ogen dus voor eigen rekening nemen. Maar ik vraag me af of Kant die mening nog zou zijn toegedaan als hij wist in welke maatschappelijke context onze mondigheid zich nu bevindt. Een ander is verantwoordelijkNog een voorbeeldje uit de dagelijkse praktijk. Mijn oudste zoon, zijn moeder en ik zaten laatst op de bank bij mij thuis voor een online mentorgesprek. Onze zoon had de weken ervoor geklaagd over enkele docenten die zich niet aan de afgesproken lengte van de online lessen hielden noch aan de afgesproken hoeveelheid huiswerk. En omdat wij er als ouders van overtuigd zijn dat opvoeding bij uitstek het uittreden van de mens uit de onmondigheid beoogt, lieten we hem dit zelf aankaarten bij de mentor. Die reageerde vriendelijk en begripvol en liet weten dat ze opnieuw (want de klacht hoorde ze niet voor het eerst) de teamleider erop zou aanspreken. „Meer kan ík niet doen”, zei ze. Wij knikten gedrieën instemmend naar het laptopscherm voor ons. Het zal vast goed komen op school, maar wat leert zoonlief bij zijn eerste woordjes in de mondigheid? Iemand anders, de teamleider, is verantwoordelijk. Dat kan natuurlijk, want zo het gaat het in de grotemensenwereld. We nemen het mee, we pakken het op. Maar wat nu als we nooit de verantwoordelijke figuur te pakken krijgen? Mondigheid stelt alleen iets voor als deze het gezag kan bereiken. Alleen lukt dat in onze complexe samenleving nogal lastig. Niet omdat de hiërarchie dat niet toelaat, maar omdat die hiërarchie ontbreekt door de zogenaamde gespreide verantwoordelijkheid van de participatiesamenleving. Deze gespreide verantwoordelijkheid hebben we ons, van boomer tot millennial, al zodanig eigen gemaakt, dat we het afschuiven van verantwoordelijkheid zijn gaan identificeren met verantwoord en effectief verdelen van de macht, die hoort bij een complexe samenleving. Het enthousiasme dat er in 2010 nog was toen Youp van ’t Hek met een Twitter-kanonnade tegen T-Mobiles verdeel-en-heers-dienstverlening in opstand kwam, is ingeruild voor het besef dat we de slechtbetaalde bezorgers, balie-, of callcentermedewerkers niet kunnen aanspreken op het falende systeem waarin ze werken. „U kunt er óók niets aan doen”, horen we onszelf begripvol zeggen. Daar zitten we dan met onze mondigheid. Toch maar naar de website en klikken op ‘Akkoord’.

Lees ook dit opiniestuk over de stijging van mondigheid en wantrouwen: Helemaal klaar met corona – én met de overheid

Wel macht, geen gezagHet idee van gespreide verantwoordelijkheid is zelfs zo sterk dat we nog even onmondig blijven als we de eindbaas ten slotte wel zelf te spreken krijgen. „Ik heb me die vraag natuurlijk ook gesteld: kan ik doorgaan?” Zo reageerde demissionair minister-president Rutte in het veelbesproken RTL-verkiezingsdebat oog in oog met Kristie Rongen, een van de duizenden slachtoffers van de Toeslagenaffaire. „Het laatste wat ik hier vanavond zal doen, is aan u vragen om de politiek of mij als eindbaas van die politiek weer te vertrouwen.” Dat lijkt misschien geveinsde empathie, maar het is erger. Als de eindbaas geen vertrouwen meer nodig heeft is hij geen gezagsdrager meer, maar een machthebber. Gezag word je verleend door een groep, met macht hou je de groep eronder. En dan heeft mondigheid geen schijn van kans. Dit werpt een ander licht op de vreemde paradox dat het vertrouwen in de overheid door de Toeslagenaffaire tot een dieptepunt is gezakt (nota bene ook onder VVD-kiezers) en we toch de zittende macht laten zitten. Dat komt echt niet omdat de media tijdens de verkiezingscampagne te weinig aandacht zouden hebben besteed aan dit politieke drama, en het slecht zou passen in de televisieformats, zoals onlangs in NRC werd beweerd. Dat mag zo zijn, het probleem ligt elders: bij het gezag dat is verdwenen, ergens in het oerwoud van de verdeelde verantwoordelijkheden. Een matige performance, een flater, een misstap of erger betekenen voor machthebbers daarom ook niet automatisch het einde van een carrière – soms zelfs het begin van een nieuwe, want wie in de ene filterbubbel van zijn voetstuk valt wordt er elders gewoon weer opgetild. (Schandalen hebben het bijkomend voordeel dat ze veel volgers opleveren: zo snel influencer Famke Louise met de actie #ikdoenietmeermee volgers verloor, zo snel had ze er ook weer nieuwe bij – en deed ze weer mee.) Gevallen ministers of Kamerleden verdwijnen misschien in de beeldvorming met pek en veren, maar in werkelijkheid wacht hen wachtgeld, een waardevol netwerk, een mooi pakket commissariaten of gewoon een vierde kabinet.

Praat mee met NRC

Onderaan dit artikel

kunnen abonnees reageren.

Hier leest u meer over reageren op NRC.nl
.
Gezag weer aanspreekbaar„Vertrouwen is een werkwoord”, zei demissionair premier Rutte donderdag nadat hij een motie van wantrouwen overleefd en een motie van afkeuring naast zich neergelegd had. Vertrouwen is inderdaad een werkwoord, maar ‘het vertrouwen’ een zelfstandig naamwoord, en dat was nou juist, al bij de Toeslagenaffaire, in hem opgezegd. Daar zitten we dan met ons wantrouwen. De vraag is: is er nog een uitweg uit de onmondigheid? Is er nog een manier om het gezag van de overheid en politieke instituties terug te krijgen, zodat het weer aanspreekbaar is? Een autoriteitscrisis heeft de gevaarlijke neiging de behoefte aan een sterke leider aan te jagen. Een leider die zo sterk is dat we weer blind durven te vertrouwen. Maar het slechte nieuws is nu juist dat wij een sterke leider hebben, eentje die wel blind wordt gevolgd, alleen niet meer wordt vertrouwd. Op korte termijn zou het zeker helpen als Mark Rutte alsnog het goede voorbeeld geeft en opstapt. Op lange termijn zijn er nieuwe democratische instrumenten nodig die ervoor zorgen dat mondigheid het gezag weer kan bereiken. In de tussentijd vertrouw ik er maar op dat onze kinderen het beter zullen doen. Want als we straks niets meer vertrouwen, komt er ook een moment dat we niets meer accepteren.

Nieuwsbrief
NRC De Haagse Stemming

Volg de formatie op de voet en word zelf een Haagse ingewijde

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC Handelsblad
van 3 april 2021

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 3 april 2021

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *