Zoeken naar een uitweg mét Rutte

Zoeken naar een uitweg mét Rutte

[ad_1]


Een politieke wetmatigheid luidt dat wie aan de rand van de afgrond staat, grote kans loopt daar ook in te belanden. Veel oud-bewindspersonen en politiek leiders kunnen meepraten over de dynamiek in politiek en media die een politieke val onvermijdelijk maakt. In het geval van Mark Rutte, tien jaar premier en vorige week op heterdaad betrapt op een leugen, lijkt die regel niet op te gaan. De twee partijen die hem dat laatste zetje konden geven, D66 en CDA, brachten hem vorige week wel tot aan de rand toen ze een motie van afkeuring tegen hem indienden, lieten hem ook even de afgrond inkijken, maar lijken hem langzaam en gecontroleerd weer terug te trekken.Mark Rutte loog over zijn gesprek met de oud-verkenners Kajsa Ollongren (D66) en Annemarie Jorritsma (VVD) in de eerste gespreksronde na de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Hij zei dat hij het niet over CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt had gehad – de notulen van het gespreksverslag bewezen anders. De dynamiek richting de afgrond kwam op stoom in het debat daarover. D66-leider Sigrid Kaag was het duidelijkst geweest: als over haar, net zoals Rutte, een motie van afkeuring was ingediend die vervolgens door bijna de hele Tweede Kamer was gesteund, dan zou zij zélf haar conclusies hebben getrokken en dus zijn opgestapt. Kaag noemde het ook „niet vanzelfsprekend” dat Rutte „het voortouw” zou mogen nemen in de formatie. Hadden Kaag en CDA-leider Wopke Hoekstra erop gerekend dat de druk Rutte te groot zou worden en hij daarom zelf op zou stappen? In de Haagse wandelgangen klonken woorden als „machtspolitiek” en „slim gespeeld”. Belang bij vertrekMaar Mark Rutte ging niet weg, hij wil blijven. En nu het stof is neergedaald, rijst de vraag: zouden D66 en CDA wel belang hebben gehad bij zijn vertrek? Wie veel films en televisieseries kijkt over politiek kan wel eens denken dat politieke strategie de motor is achter ieder besluit. De werkelijkheid is cynischer.Dat D66 en het CDA zich niet afkeren van Rutte maar steeds nadrukkelijker ruimte laten om wel met hem te praten over een mogelijk kabinet, is allereerst om een praktische reden: het vinden van meerderheden. Het CDA is niet voornemens als meest rechtse partij onderdeel te zijn van een kabinet met D66 en verder alleen linksere partijen. Dat maakt het voor D66 lastig om de VVD uit te sluiten en tot een andere meerderheid te komen. Daarvoor heeft D66 een wolk aan oppositiepartijen nodig die ideologisch ook nog eens ver van elkaar af liggen – dat lijkt op voorhand al onwerkbaar. De VVD is nodig. En de VVD, zo maakte mastodont na mastodont de afgelopen dagen in media-optreden na media-optreden duidelijk, is niet van plan Mark Rutte te laten vallen. Deze vrijdagmiddag, na haar gesprek met informateur Herman Tjeenk Willink, bevestigde Kaag dat D66 nu het voortouw had genomen. Zij voelde zich verantwoordelijk voor een goed verloop van de formatie. Maar ze zei ook: „Iedereen is erbij betrokken. We spelen een teamspel hier, ik doe geen solo tennismatch.’’ Een uur daarvoor had Wopke Hoekstra na zijn gesprek met Tjeenk Willink de VVD en Mark Rutte ook niet uit willen sluiten. „Of je het nou leuk vindt of niet, we zullen ons moeten verenigen als politiek. Want uiteindelijk verwachten de mensen in het land dat we gewoon de problemen oplossen.” Medeplichtige CDA en D66Het is aan Tjeenk Willink om die vereniging van de politiek te onderzoeken. Zijn opdracht ligt in het onderzoeken van de bestuurscultuur waar Rutte verantwoordelijk voor wordt gehouden, die van geslotenheid, weglakken en achterkamertjes. Dat is er wel één die heeft kunnen ontstaan in het bijzijn van CDA en D66 – soms waren ze ook medeplichtig. Het waren die partijen die de afgelopen vier jaar in coalitie-overleggen deals sloten die vervolgens in de ministerraad werden afgetikt. Het waren die partijen die mee hadden gewerkt aan een dichtgetimmerd regeerakkoord. Het CDA regeerde mee in ruim zes van de tien jaar waarin Rutte nu premier is. En D66 hielp geregeld vanuit de oppositiebankjes als er een meerderheid nodig was – dat gebeurde bij uitstek met deals van geven en nemen in achterkamertjes.Daar is ook de VVD zich van bewust. In het debat over de opdracht aan de informateur wees Rutte daar subtiel op. Hij zei dat de bestuurscultuur waar deze dagen zo hevig over gedebatteerd is niet in de recente geschiedenis is ontstaan. „Dat is iets wat we met elkaar in de afgelopen dertig, veertig jaar hebben gebouwd.” De ironie wil dat de thema’s die CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt op de agenda zette – macht en tegenmacht, de politieke cultuur en transparantie – de formatie juist uit het slop zouden kunnen trekken. Want sinds vorige week zijn het die onderwerpen die bovenaan het formatielijstje van iedere politiek leider staan. En het zijn die onderwerpen die op de agenda staan in de gesprekken met informateur Herman Tjeenk Willink. Zo kan de eerste fase van de formatie die begon met verdeeldheid, eindigen in consensus als startpunt van een volgende fase.

Nieuwsbrief
NRC De Haagse Stemming

Volg de formatie op de voet en word zelf een Haagse ingewijde

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC Handelsblad
van 10 april 2021

Een versie van
dit artikel
verscheen ook in

NRC in de ochtend
van 10 april 2021

[ad_2]

admin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *