Zzp’er wacht de komst van de verplichte AOV af




Toen Chantal Vrouwenvelder (39) vorig jaar voor zichzelf begon als trainer en coach, behield ze een baan van twee dagen in loondienst. Zo zou ze in elk geval nog een beetje inkomen houden, mocht ze uitgeschakeld raken. Hier laat ze het voorlopig bij. „Ik neem het risico. Voor een beginnende zzp’er vind ik de maandelijkse premie voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering een behoorlijke uitgave. Er komt toch een verplichte AOV? Die wacht ik wel af.”Weinig zelfstandig ondernemers verzekeren zich tegen arbeidsongeschiktheid – een op de vijf maar, volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. De meest aangevoerde reden voor zo veel onverzekerdheid, aldus SEO Economisch Onderzoek, verrast niet: zo’n verzekering is zzp’ers te duur. De maandpremie kan behoorlijk oplopen, afhankelijk van leeftijd en sector. Om een indruk te geven: een bouwvakker van rond de 50 betaalt zeker 400 euro premie per maand. Een freelance vormgever van rond de 30, die vooral achter zijn laptop zit, is ongeveer de helft kwijt. Al die onverzekerde zzp’ers waren vorig jaar aanleiding plannen te maken voor een verplichte AOV. Werkgeversorganisaties, vakbonden en zelfstandigenorganisaties bedachten in grote lijnen de voorwaarden.Maar demissionair minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) haalde die eind maart onderuit. Hij vindt de verzekering niet praktisch haalbaar. Vooral de keuzevrijheid die deelnemers zouden krijgen in de jongste voorstellen en de optie toch voor een eigen verzekering te kiezen, maken uitvoering door UWV en Belastingdienst volgens hem te ingewikkeld. Een nieuw plan is nodig, aldus Koolmees, en dat kan „nog jaren” duren. Goedkoper huisWat nu als je net voor jezelf begint of wanneer je al langer zzp’er bent en twijfelt over afsluiting van een AOV? Wachten op die verplichte verzekering of toch nu al in actie komen? Starter Chantal Vrouwenvelder zal niet de enige zijn die het even aanziet, verwacht financieel planner Jeroen Wolfsen van Moneywise, een vergelijkingssite voor financiële producten. „Rommelt het aan de horizon, dan gaan mensen stilzitten. Dat is een psychologisch feit.” Helemaal niets regelen is riskant, maar over zzp’ers zonder AOV wordt wel eens wat te dramatisch gedaan, vindt voorzitter Frank Alfrink van ondernemersorganisatie ZZP Nederland. Dat slechts zo’n 20 procent van hen verzekerd is, betekent niet dat de rest niets achter de hand heeft. Veel zzp’ers hebben een buffer of een deeltijdbaan die een deel van het risico dekt. Of zij zitten in een zogenoemd broodfonds, een onderlinge verzekering met vakgenoten. Verder kan een opgebouwde lijfrente in geval van nood worden omgezet in een uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Eerst maar eens kijken hoe groot het risico is, is Alfrinks advies. „In welke situatie zou je geld tekort komen, hoeveel, en hoe zou je dat kunnen oplossen? Misschien kan je partner meer gaan werken, of kun je in een goedkoper huis gaan wonen.” „De kans dat je jaren niet meer kunt werken of zelfs helemaal nooit meer, is heel klein”, zegt Cristel van de Ven, voorzitter van koepelorganisatie Vereniging Zelfstandigen Nederland. „Maar er zijn mensen die het overkomt. En gebeurt het op je dertigste, dan kun je dat zelf niet dragen.”Hoe noodzakelijk een arbeidsongeschiktheidsverzekering is, hangt ook af van het soort werk. Wie kan thuiswerken en vooral achter de computer zit, heeft minder risico op volledige arbeidsongeschiktheid dan de bouwvakker of de tandarts. „In mijn beroep van adviseur kan ik ook verder als ik in een rolstoel beland”, aldus Jeroen Wolfsen. WachttijdLoop je niet al te veel risico, dan is een stevige buffer – en eventueel aansluiting bij een broodfonds – volgens Wolfsen wel voldoende voor de komende jaren. Wil je meer zekerheid, dan ziet hij nog wat voordelige opties. In plaats van een AOV bij een verzekeraar kun je bijvoorbeeld een woonlastenverzekering afsluiten, die een deel van de pech opvangt. Kun je niet meer werken, dan vergoedt die verzekering je maandelijkse woonlasten. Met een maandpremie vanaf 20 euro kun je volgens hem al 500 euro aan maandelijkse woonlasten verzekeren. Een andere optie is nu al wel een AOV afsluiten, maar kiezen voor twee jaar wachttijd voordat bij arbeidsongeschiktheid de uitkering ingaat. Dat scheelt gemiddeld zo’n 40 procent in de premie. Die premie mag je overigens van de inkomstenbelasting aftrekken. Maar reken je niet te snel rijk: met alle aftrekposten die er voor zzp’ers al zijn, is het lang niet zeker dat daarvoor nog (genoeg) aftrekruimte over is.
Buffer Beetje beleggen
Heb je een buffer opgebouwd voor eventuele arbeidsongeschiktheid, dan is het jammer om zo’n groot bedrag tegen 0,01 procent rente op een spaarrekening te laten staan. Kan dat anders? Beleggen is volgens Jeroen Wolfsen van Moneywise een optie, maar dan niet het hele bedrag. Als je noodgedwongen aandelen moet verkopen en de beurs net in een dip zit, is dat zonde. Maar aangezien je het geld toch niet in één keer nodig hebt, is een deel beleggen wel een idee, vindt Wolfsen. „Stel dat je een reserve hebt van 30.000 euro, dan zou je zo’n 20.000 in een beleggingspotje kunnen stoppen.” Dat zou bijvoorbeeld in gespreide indextrackers kunnen, goedkope fondsen die alle aandelen uit een beursindex bevatten.Zelf zet Wolfsen aan het eind van elk jaar behaalde koerswinst opzij. „Dat bedrag zet ik op een spaarrekening, zo heb ik een dempertje ingebouwd op eventuele koersverliezen.”

Written by 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *